volstrekken

werkw.
Verbuigingen:  volstrekte
Verbuigingen:  volstrekt

1) enz.

2) geheel ten uitvoer brengen
Voorbeeld:  `Met een slag van zijn zwaard volstrekte de beul het doodsvonnis.`

3) tweede betekenisomschrijving
Voorbeeld:  `Zin met het volstrekken in de tweede betekenis erin.`


Bron: WikiWoordenboek.