Doorverwezen van gepasseerd > passeren Toon zonder doorverwijzing

passeren

werkw.
Uitspraak:  [pɑˈserə(n)]
Vervoegingen:  passeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gepasseerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

voorbijgaan
Voorbeeld:  `Het is zo'n smal weggetje dat twee auto's elkaar niet kunnen passeren.`
je gepasseerd voelen  (je gekwetst voelen omdat je niet mocht meedoen)
Dat is een gepasseerd station.  (dat is voorbij en niet meer relevant)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bekrachtigen doorbrengen doorgaan gaan door gebeuren inhalen negeren ontafschuiven overslaan plaats hebben plaatsvinden revisie voorbijgaan voorbijrijden voordoen voorvallen wegcijferen

23 definities op Encyclo
  1. wat zich afspeelt vb: er is sinds vorige week heel wat gepasseerd Synoniemen: gebeuren plaatsvinden voorvallen geschieden voltrekken plaatshebben langs iemand of iets gaa...
  2. Het bij een notaris ondertekenen van een notariële akte.
  3. Formele handeling waarbij een akte in het bijzijn van de notaris wordt ondertekend.
  4. Passeren is de formele handeling waarbij een akte bij de notaris door alle partijen wordt ondertekend. De verkoper en geldverstrekker tekenen veelal per volmacht. Zo hoev...
  5. een vloeistof door een zeef halen of vergiet dan wel met doek of zonder doek. Om alle grovere stukken eruit halen om zo een egale vloeistof over te houden.
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
passeren (voorbijgaan, gebeuren; gaan langs, overslaan)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `passeren`.