Doorverwezen van soupeer op > opsouperen Toon zonder doorverwijzing

opsouperen

werkw.
Uitspraak:  ['ɔpsuperə(n)]
Vervoegingen:  soupeerde op (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft opgesoupeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

iets opmaken of opgebruiken
Voorbeelden:  `geld opsouperen`,
`alle reserves opsouperen`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Opmaken 2) Verbrassen 3) Verkwisten 4) Verteren
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
opsouperen

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 75% van de Nederlanders en 94% van de Vlamingen het woord `opsouperen`.