Doorverwezen van ongelukken > ongeluk Toon zonder doorverwijzing

het ongeluk

zelfst.naamw.
Uitspraak:  ɔnxəlʏk]
Verbuigingen:  ongeluk|ken (meerv.)

1) onverwachte en onaangename gebeurtenis
Voorbeeld:  `verkeersongeluk`
Synoniem:  ongeval

2) onaangename toestand
Voorbeeld:  `iemand in het ongeluk storten`
Antoniem:  geluk

3)
per ongeluk  (zonder dat het de bedoeling was) `per ongeluk een glas laten vallen` Synoniem: onopzettelijk

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
beproeving droefenis ellende gedaanteverwisseling kruis kwel leed malheur moeilijkheden ongeval onheil onspoed pech pijn ramp rampspoed rouw smart tegenslag tegenspoed terugslag terugslagen verkeersongeval

Spreekwoorden en zegswijzen
• zich een ongeluk lachen. (=hetzelfde als 'In een deuk liggen', niet meer bijkomen van het lachen.)
ongeluk komt zelden alleen. (=een tegenslag wordt vaak gevolgd door nog meer problemen)
• een ongeluk zit in een klein hoekje. (=door een kleine fout kunnen gemakkelijk erg nare ongelukken gebeuren)
• een ongeluk komt zelden/nooit alleen. (=als er iets misgaat, gaat er vaak nog meer mis.)
• een ongeluk komt te paard en gaat te voet. (=een ongeluk is snel gebeurd, maar de gevolgen slepen lang aan.)
Toon alle 6 spreekwoorden die ongeluk bevatten

Taaladvies
Verongelukken / een ongeluk hebben: Is verongelukken in een zin als De fietser die gisteren verongelukte, mocht vandaag al het ziekenhuis verlaten correct gebruikt?

Intensiveringen
Hoe kun je met ongeluk een ander begrip versterken?
je een ongeluk lachen; je een ongeluk schrikken; je een ongeluk zoeken
Hoe kun je ongeluk krachtiger uitdrukken?
ernstig ongeluk;

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-ken), (tegenstelling van geluk), ramp, onheil, jammer, tegenspoed; bij -, ongelukkiglijk, door een ongelukkig toeval; [figuurlijk]...
  2. Spreekwoorden: (1914) Een ongeluk komt nooit (of zelden) alleen. Deze gedachte vinden we in de klassieke talen op verschillende wijzen uitgedrukt; in het Latijn o.a. door...
  3. ongunstig, nadelig toeval vb: hij heeft altijd ongeluk hij heeft dat per ongeluk gedaan [niet met opzet] hij is voor het ongeluk geboren [heeft altijd pech]
  4. •een onvoorziene gebeurtenis met negatieve en soms zelfs fatale gevolgen.
  5. 1) Aanrijding 2) Aanvaring 3) Accident 4) Beproeving 5) Bezoeking 6) Botsing 7) Contrecoup 8) Deveine 9) Droefenis 10) Droefheid 11) Droevige gebeurtenis 12) Ellende 13) ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met ongeluk:
ongelukkenongelukkigongelukkigerwijsongelukkigheidongeluksgetalongeluksgetallenongeluksprofeten

Deze woorden eindigen op ongeluk:
auto-ongelukbusongelukvliegtuigongelukstraaljagerongelukverkeersongelukverongeluk

Herkomst volgens etymologiebank.nl
ongeluk

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `ongeluk` kennen.