Doorverwezen van nummers > nummer Toon zonder doorverwijzing

het nummer

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [ˈnʏmər]
Verbuigingen:  nummer|s (meerv.)

1) reeks cijfers, meestal om een volgorde aan te geven
Voorbeelden:  `huisnummer`,
`telefoonnummer`
iemand op zijn nummer zetten  (iemand openlijk laten merken dat hij iets heeft gedaan wat niet hoort)

2) enkel exemplaar uit een groter geheel
Voorbeelden:  `het tiende nummer van een tijdschrift`,
`circusnummer`

3) kort stuk populaire muziek muziek
Voorbeeld:  `tien nummers op een cd`
Synoniem:  liedje

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
act editie figuur getal liedje netnummer numero volgnummer

Spreekwoorden en zegswijzen
• op zijn nummer zetten (=zeer duidelijk maken dat iets erg ongewenst is)
• iemand op zijn nummer zetten (=iemand zeer nadrukkelijk op zijn fouten wijzen, op een wijze die voor die persoon beschamend is.)
• een nummer zijn (=van weinig betekenis zijn of althans zo behandeld worden)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  • •een aanduiding met een getal.
  • cijfer of getal dat de plaats in een reeks aangeeft vb: op welk huisnummer woon je? optreden van een artiest in een show vb: wat voor nummer doe jij bij de talentenjacht?...
  • cijfer Jaar van herkomst: 1350 (MNW )
  • Een nummer is een archiefbestanddeel dat van een eigen kenteken is voorzien.
  • 1) Act 2) Aflevering 3) Cijfer 4) Deel van een programma 5) Deel van een tijdschrift 6) Deel van het programma 7) Editie 8) Figuur 9) Getal 10) Getalmerk 11) Getalteken 1...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met nummer:
    nummerbehoudnummerbordnummerbordennummerdenummerdennummerennummeringnummerplaatnummerplatennummersnummert

    Deze woorden eindigen op nummer:
    abonneenummeralarmnummeratoomnummerburgerservicenummercircusnummerdoorkiesnummerE-nummerfaxnummerfeestnummergekkennummergironummerhiphopnummerhuisnummerIBAN-nummeridentificatienummerinformatienummerjubileumnummerkentekennummernetnummerpersoonsnummer

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    nummer (getal, cijfer; exemplaar)