Doorverwezen van ruil in > inruilen Toon zonder doorverwijzing

inruilen

werkw.
Uitspraak:  ['ɪnrœylə(n)]
Vervoegingen:  ruilde in (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft ingeruild (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

vervangen (door een andere)
Voorbeelden:  `na vijf jaar je auto inruilen voor een nieuwe`,
`je vaste personeel inruilen voor flexwerkers`,
`je vriendin inruilen voor een andere vrouw`
Synoniem:  inwisselen tegen

© Kernerman Dictionaries.

2 definities op Encyclo
  1. inleveren voor iets anders vb: ik heb mijn auto ingeruild voor een nieuwe
  2. 1) Inwisselen 2) Inwisselen tegen iets anders 3) Omwisselen 4) Uitwisselen 5) Verruilen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `inruilen`.