Doorverwezen van maak goed > goedmaken Toon zonder doorverwijzing

goedmaken

werkw.
Uitspraak:  ['xutmakə(n)]
Vervoegingen:  maakte goed (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft goedgemaakt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (ruzie) beëindigen door iets te doen
Voorbeelden:  `Mijn vriend heeft het vorige week uitgemaakt. Weet jij hoe ik het weer kan goedmaken?`,
`het weer goedmaken met je schoonmoeder`,
`een ruzie goedmaken`
Synoniem:  bijleggen

2) (tekortkoming) vergoeden door iets te doen of te zijn
Voorbeelden:  `een achterstand goedmaken door de volgende keer te winnen`,
`Een mooi najaar kan de slechte verdiensten door de natte zomer weer goedmaken.`
Synoniem:  compenseren

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
beteren bijleggen bijspijkeren bijwerken compenseren corrigeren fiksen herstellen herzien inhalen maken rechtstrijken rechttrekken rechtzetten renoveren repareren ruzie afsluiten verbeteren vergoeden

2 definities op Encyclo
  1. weer in orde brengen, zorgen dat het heel wordt vb: als je ruzie maakt, moet je het later weer goedmaken Synoniemen: herstellen maken repareren verhelpen verstellen
  2. 1) Beteren 2) Bijleggen 3) Bijspijkeren 4) Bijwerken 5) Boeten 6) Compenseren 7) Corrigeren 8) Dekken 9) Fiksen 10) Herstellen 11) Herzien 12) Inhalen 13) Maken 14) Oplos...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `goedmaken`.