Doorverwezen van equipeerde > equiperen Toon zonder doorverwijzing

equiperen

werkw.
Uitspraak:  [eki'perə(n)]
Vervoegingen:  equipeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geëquipeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

voorzien van wat nodig is (voor iets)
Voorbeelden:  `nieuwe arbeidskrachten voldoende equiperen voor een plek op de arbeidsmarkt`,
`kantoorruimte equiperen met flexplekken voor flexwerkers`,
`je personeel equiperen met de meest actuele kennis`
Synoniem:  uitrusten

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bemannen toerusten

2 definities op Encyclo
  1. 1) Bemannen 2) Toerusten 3) Uitrusten
  2. toerusten Jaar van herkomst: 1632 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
equiperen (toerusten)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 88% van de Nederlanders en 94% van de Vlamingen het woord `equiperen`.