Doorverwezen van butchert > butcheren Toon zonder doorverwijzing

butcheren

werkw.
Afbreekpatroon:  'but - che - ren
Herkomst:  Engels
Vervoegingen:  butcherde (verl.tijd )
Vervoegingen:  gebutcherd (volt.deelw.)

afslachten
Voorbeeld:  `de kip werd met ruwe hand en een bot mes gebutcherd`