Doorverwezen van jakkerde > afjakkeren Toon zonder doorverwijzing

afjakkeren

werkw.
Uitspraak:  ['ɑfjɑkərə(n)]
Vervoegingen:  jakkerde af (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft afgejakkerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (iemand) afgepeigerd maken door veel te zwaar werk
Voorbeelden:  `je personeel afjakkeren`,
`je lichaam zo afjakkeren dat je te moe bent om nog wat anders te doen`
Synoniem:  afbeulen

2) idioot hard gaan (op een weg of baan)
Voorbeelden:  `met vol gas de snelweg A4 afjakkeren`,
`een supergrote glijbaan afjakkeren`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afbeulen afraffelen afsloven ploeteren sappelen sloven zwoegen

2 definities op Encyclo
  1. 1) Afbeulen 2) Afjachten 3) Afraffelen 4) Afrossen 5) Afsloven 6) Ploeteren 7) Sappelen 8) Sloven 9) Uitputten 10) Zwoegen
  2. [Nederlands] uitputten
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
afjakkeren

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 87% van de Nederlanders en 92% van de Vlamingen het woord `afjakkeren`.