Doorverwezen van aanvul > aanvullen Toon zonder doorverwijzing

aanvullen

werkw.
Uitspraak:  anvʏlə(n)]
Vervoegingen:  vulde aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangevuld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

zorgen dat er weer genoeg van is
Voorbeeld:  `de voorraad aanvullen`
Synoniem:  bijvullen
elkaar goed aanvullen  (samen de gewenste eigenschappen hebben)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aangevuld aanvullende bijladen bijvullen bijwerken completeren toevoegen voltallig maken

7 definities op Encyclo
  1. iets erbij doen vb: ik heb zijn zakgeld wat aangevuld, zodat hij op vakantie kan die twee vullen elkaar aan [wat de een niet heeft, dat heeft de ander]
  2. Aanvullen is het in een archief invoegen van afgedwaalde bescheiden, die vanouds tot dat archief behoren.
  3. Nieuwe goederen in een schap zetten, zodat het schap weer vol is.
  4. Uit `De lagere vaktalen: Taal van post-, telegraaf- en telefoonpersoneel` 1914 een adres aanvullen.
  5. [Techniek] vervolledigen
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met aanvullen:
aanvullend

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `aanvullen` kennen.