Doorverwezen van aangebeld > aanbellen Toon zonder doorverwijzing

aanbellen

werkw.
Uitspraak:  ambɛlə(n)]
Vervoegingen:  belde aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangebeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

op de bel van een huis drukken
Voorbeeld:  `Ik heb twee keer aangebeld, maar er kwam niemand aan de deur.`
Synoniem:  bellen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bellen luiden opbellen schellen

2 definities op Encyclo
  1. •bij iemand (aan de deur) bellen.
  2. 1) Aan de deurbel trekken 2) Aanschellen 3) Bellen 4) Een deurbel doen overgaan 5) Je komst melden 6) Luiden 7) Opbellen 8) Schellen 9) Zijn komst melden
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `aanbellen` kennen.