Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

Eén spreekwoord bevat `zijn tijd`

  1. een kind van zijn tijd (=iemand die leeft volgens de in zijn tijd heersende opvattingen)

4 betekenissen bevatten `zijn tijd`

  1. achter de wolken schijnt de zon (=alle nare dingen zijn tijdelijk en daarna wordt het beter)
  2. men moet geen paaseieren op goede vrijdag eten (=alles op zijn tijd, het feest niet te vroeg vieren)
  3. een kind van zijn tijd (=iemand die leeft volgens de in zijn tijd heersende opvattingen)
  4. men kan een paard niet lopend beslaan (=men moet er zijn tijd voor nemen)

Het dialectenwoordenboek kent 9 spreekwoorden met `zijn tijd`

  1. Bilzers: Kakke geet vér bakke (=Alles op zijn tijd)
  2. Bilzers: aste slups béste daud (=zijn tijd verslapen)
  3. Oudenbosch: ijee z ne tijd gat (=zijn tijd is voorbij)
  4. Genks: de moes nie wille loope ierste kons goeën (=alles op zijn tijd)
  5. Munsterbilzen - Minsters: das get van langen ojem (=dat heeft zijn tijd nodig)
  6. Munsterbilzen - Minsters: Aoke en Keule zin ook nie gemok op ene daog (=alles heeft zijn tijd nodig)
  7. Genneps: Alles op zienen tied en boekende koe.k ien d'n herfst (=alles op zijn tijd)
  8. Munsterbilzen - Minsters: tsloeg vaajf vër twelf (=de horlogemaker ziet dat zijn tijd voorbij is)
  9. Westerkwartiers: keul'n en oak'n benn'n niet op één dag bouwd (=alles heeft zijn tijd nodig)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen