Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

3 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `struik`

  1. het beste paard struikelt (ook) wel eens (=ook de beste maakt wel eens een fout)
  2. Het beste paard struikelt wel eens. (=Iedereen maakt wel eens een fout)
  3. Ook het beste paard struikelt wel eens. (=Ook de deugdzaamste en bekwaamste faalt wel eens)

2 betekenissen bevatten `struik`

  1. een beentje lichten (=doen struikelen (letterlijk of figuurlijk))
  2. iemand pootje lichten (=iemand doen struikelen)

Het dialectenwoordenboek kent 10 spreekwoorden met `struik`

  1. Overmeers: 'n hulleken teengels (=een struikje netels)
  2. Diesters: Wa stritselter deur de stroëke (=wat ruist er door het struikgewas)
  3. Vejels: iene puitje lappe (=Iemand laten struikelen)
  4. Munsterbilzen - Minsters: zich stoebbele (=struikelen over iets)
  5. Horster: brêk ôwwe nek vurzichtig wah (=opgepast, niet struikelen.)
  6. Hulshouts: der komt der do eiene owet de histe gestesseld (=er komt iemand uit de struiken gekropen)
  7. Merenaars: 't geldj onder de struik leggen (=niet betalen)
  8. Meerhouts (Gestel): nen eljen emmer petetten oan énnen buist en da fleus tegen de zitterse steweg (=een ganse emmer aardappelen aan één struik en dat straks tegen de zittaartse steenweg)
  9. Munsterbilzen - Minsters: kepot ès nog te maoke, mèr daud nie (=men kan maar beter over zijn voeten struikelen dan over zijn tong)
  10. Meerhouts (Gestel): nen hiejelen oaker petetten oan énnen buist en da fleus tegen de zitterse stiejeweg (of boan) (=een ganse emmer aardappelen aan één struik en dat straks tegen de zittaartse steenweg)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen