Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `perso`

  1. een wig drijven tussen twee personen (=ervoor zorgen dat ze ruzie krijgen)
  2. zonder aanzien des persoons (=zonder iemand voor te trekken; zonder er rekening mee te houden om wie het gaat)

63 betekenissen bevatten `perso`

  1. aan de voeten van Gamaliël zitten (=aandachtig luisteren naar de les die een wijs persoon meegeeft)
  2. het ene woord haalt het andere uit (=als de ene persoon een grote mond opzet, krijgt die dat van de ander terug)
  3. waar meerderman komt moet minderman wijken (=als een machtig persoon iets zegt, moet de minder machtige zwijgen)
  4. als er één schaap over de dam is, volgen er meer (=als één persoon iets nieuws geprobeerd heeft, durven anderen ook wel)
  5. eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand (=Als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken. / Een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.)
  6. twee geloven op een kussen daar slaapt de duivel tussen (=als twee personen van een verschillend geloof trouwen, gaat het zelden goed)
  7. wanneer twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen (=als twee strijdende personen of partijen zich richten op elkaar, kan een ander daarvan profiteren door zich datgene toe te eigenen waar om gestreden wordt)
  8. waar twee kijven hebben twee schuld (=beide personen hebben schuld als ze ruzie met elkaar maken)
  9. de kerk in het midden laten (=bij een meningsverschil geven beide personen wat toe om het eens te worden)
  10. dat is een stuk! (=dat is een aantrekkelijk persoon)
  11. dat is de aard van het beestje (=dat is typisch iets voor die persoon; zo zit hij of zij nu eenmaal in elkaar)
  12. uit het oog, uit het hart (=de aandacht voor iemand verliezen, als die persoon niet meer in de nabijheid is)
  13. het beste paard van stal (=de belangrijkste persoon in het gezelschap)
  14. de rotte appels uit de mand halen (=de minder getalenteerde personen wegsturen, de minder goede dingen sorteren van de goede dingen)
  15. nomen nescio (=de niet genoemde persoon)
  16. als een spin in het web (=de persoon of organisatie waar alles om draait)
  17. met zijn talenten woekeren (=de persoonlijke mogelijkheden/gaven goed gebruiken)
  18. de molen is/loopt door de vang (=de zaak of persoon is in de war (gek))
  19. Het beste paard van stal vergeten. (=Een belangrijk persoon over het hoofd zien)
  20. een gladde aal (=een gewiekst persoon (moeilijk te vangen))
  21. een krent (=een gierig persoon)
  22. een slimme vogel (=een handig persoon met overal een oplossing voor)
  23. nieuwsgierig aagje (=een nieuwsgierig persoon)
  24. een echte Hannes (=een onhandig persoon)
  25. Een oud paard hoort graag het klappen van de zweep. (=Een oud persoon hoort graag verhalen over het oude vakmanschap)
  26. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  27. met hem kun je gaan vissen (=een prettig persoon in de omgang)
  28. zo kalm als een zalm (=een rustig persoon)
  29. een schurftig schaap steekt de hele kudde aan (=een slechte persoon in een groep, maakt de hele groep slecht)
  30. dat is een kwal (=een uiterst vervelend persoon)
  31. een aflossing van de wacht (=een vervanging van de ene persoon door een andere)
  32. een vriendelijk gezicht brengt overal licht (=een vrolijk persoon weet vaak meer te bereiken dan een nors persoon)
  33. een lulletje rozenwater (=een weinig dynamisch persoon)
  34. Een pilaarbijter (=Een zeer schijnheilig / hypocriet persoon)
  35. geen twee kapiteins op één schip (=er moet maar één persoon de leiding hebben, anders gaat het niet goed)
  36. er is onkruid onder de tarwe (=er zijn minderwaardige goederen (of personen) tussen de betere)
  37. geen katje om zonder handschoenen aan te pakken (=geen gemakkelijk persoon)
  38. beer op sokken (=gezegd van een dik, plomp persoon)
  39. Hollands welvaren (=gezegd van een zeer gezond uitziend persoon)
  40. in de kleinste potjes zit de beste pommade/zalf (=gezegd van uitzonderlijk kleine personen)
  41. het is niet om de knikkers maar om het recht van het spel (=het is niet voor persoonlijk voordeel, maar omwille van de rechtvaardigheid)
  42. grote vissen scheuren het net (=hooggeplaatste personen worden niet zo gemakkelijk gestraft)
  43. iemands bloed wel kunnen drinken (=iemand niet mogen en daardoor alles doen om die persoon te hinderen)
  44. iemand op zijn nummer zetten (=iemand zeer nadrukkelijk op zijn fouten wijzen, op een wijze die voor die persoon beschamend is)
  45. iemand van haver tot gort kennen (=iemands persoonlijkheid helemaal kennen)
  46. kolen op iemands hoofd stapelen (=iets goed doen voor een onvriendelijke persoon)
  47. vurige kool op iemands hoofd stapelen (=iets goeds doen voor een vijandig persoon)
  48. de ogen zijn de spiegels der ziel (=in de ogen van een persoon herkent men het karakter)
  49. men moet vossen met vossen vangen (=je moet een slimme persoon vangen door slim te zijn)
  50. ten voeten uit (=letterlijk: de volledige gestalte is afgebeeld; figuurlijk: een getrouwe persoonsbeschrijving)

Het dialectenwoordenboek kent 2 spreekwoorden met `perso`

  1. Westerkwartiers: ze hemm'n te min personeel (=ze hebben personeel te kort)
  2. Fries: gluperd,fiene, net te vertrouwen person,dutser is der niks bij (=een gereformeerde)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen