Spreekwoorden met `moo`

Zoek

22 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `moo`

  1. aan de rand van het ravijn bloeien de mooiste bloemen (=de beste resultaten dragen tegelijkertijd de grootste risico`s)
  2. aap wat heb je mooie jongen (=sarcastische opmerking over iemand die wat al te trots is op iets)
  3. aap wat heb je mooie jongen spelen (=overdreven vriendelijk zijn)
  4. avondrood, mooi weer aan boord (=na een rode avondlucht volgt mooi weer)
  5. daar ben ik mooi klaar mee (=nu heb ik een probleem)
  6. de smoor in hebben (=er een geweldige hekel aan hebben)
  7. de vermoorde onschuld spelen (=net doen alsof je van niets weet)
  8. donkere morgens mooie dagen. (=een slecht begin hoeft geen mislukking te zijn)
  9. duren is een mooie stad (=nu is het goed, maar blijft dat zo?)
  10. een mooi span voor een bokkenwagen (=een zonderling koppel)
  11. er komt moord en doodslag van (=het komt tot grote problemen)
  12. mooi weer spelen (=genieten (meestal van andermans goed) / mooier voordoen dan het is)
  13. mooie liedjes duren niet lang (=geluk is van korte duur)
  14. moord en brand schreeuwen (=uiterst verontwaardigd zijn)
  15. niet in de wieg gesmoord (=niet van bij de opkomst vernietigd - al oud)
  16. ook tussen de mooie bloemen groeien brandnetels (=de schoonheid van de omgeving biedt geen garantie voor onaangename zaken)
  17. van een mooi bord kun je niet eten (=aan uiterlijk alleen heb je niets)
  18. van een mooie / knappe tafel kun je niet eten. / Van een mooi bord kun je niet eten. (=knap van uiterlijk heeft ook wel eens nadelen.)
  19. van zijn hart geen moordkuil maken (=zijn gevoelens niet opkroppen / vrijuit zeggen wat je niet bevalt / eerlijk zeggen over hoe er over iets gedacht wordt)
  20. wat heb je aan een mooi bord als het leeg is? (=lichamelijke behoeften gaan voor zintuiglijke)
  21. wie mooi wil zijn, moet pijn lijden (=voor schoonheid moet je wat over hebben)
  22. zo mooi als poes (=erg mooi (opgetut))

17 betekenissen bevatten `moo`

  1. als een vlag op een modderschuit (=dat is veel te mooi voor die situatie)
  2. een aardige stuiver/duit (=een mooi kapitaal)
  3. schone appels zijn ook wel zuur. (=een mooie vrouw is niet vanzelfsprekend een goede echtgenote)
  4. zo mooi als poes (=erg mooi (opgetut))
  5. mooi weer spelen (=genieten (meestal van andermans goed) / mooier voordoen dan het is)
  6. eigen haard is goud waard (=het is nergens zo mooi als thuis / men hecht veel waarde aan het eigen bezit)
  7. het leven gaat niet altijd over rozen (=het is niet altijd zo mooi, iedereen heeft wel eens tegenvallers)
  8. het leven is geen zoete krentenbol (=het is niet altijd zo mooi, iedereen heeft wel eens tegenvallers)
  9. iemand uitmaken voor rotte vis (=iemand uitschelden voor alles wat mooi en lelijk is)
  10. iemand een kopje kleiner maken (=iemand vermoorden)
  11. iemand koeien met gouden horens beloven (=iets moois beloven maar niet nakomen)
  12. je voor de kop schieten (=inzien dat men een grote stommiteit gedaan heeft - zelfmoord plegen)
  13. op salet zitten (=mooi aangekleed zijn en niet werken)
  14. avondrood, mooi weer aan boord (=na een rode avondlucht volgt mooi weer)
  15. al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding (=wie zich mooi aankleedt wordt daarmee zelf nog niet mooi)
  16. de hand aan zichzelf slaan (=zelfmoord plegen)
  17. je van kant maken (=zelfmoord plegen)

2 dialectgezegden bevatten `moo`

  1. ei kan er moo goe mei voare.... (=Hij zal er goed mee zijn) (leuvens)
  2. Talest doede goalle n't galakkes goalle da zelf wilt moo hie nie. (=Bij jullie thuis doen jullie het zoals jullie het zelf willen maar hier niet.) (Rillaars)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen