Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

9 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `gesla`

  1. Een paard dat eens op hol is geslagen, kan dat snel weer doen. (=Een eens gemaakte fout, begaat men makkelijk weer)
  2. het beste paard van stal wordt overgeslagen (=grappige uitspraak wanneer iemand overgeslagen wordt)
  3. kinderen die vragen worden overgeslagen (=brutale kinderen die altijd overal om vragen, worden genegeerd)
  4. met blindheid geslagen zijn (=verblind zijn, volkomen gebrek hebben aan inzicht)
  5. met stomheid geslagen (=plotseling geen woord meer kunnen zeggen)
  6. uit de lijken geslagen (=totaal van zijn stuk gebracht)
  7. uit het veld geslagen zijn (=helemaal van streek zijn)
  8. uit zijn lood geslagen zijn (=verbaasd zijn, niet goed meer weten hoe het verder moet)
  9. Wie gaat slapen zonder te hebben gegeten, staat op zonder te hebben geslapen. (=Voor de gezondheid zijn eten en slapen van belang.)

5 betekenissen bevatten `gesla`

  1. kinderen die zwijgen zullen ook nooit wat krijgen (=aanvulling op `Kinderen die vragen worden overgeslagen.`)
  2. het beste paard van stal wordt overgeslagen (=grappige uitspraak wanneer iemand overgeslagen wordt)
  3. wie veel eist krijgt veel. Wie te veel eist krijgt niets (=je kan door het te vragen veel bij mensen gedaan krijgen, maar als je onredelijk wordt zal je worden overgeslagen)
  4. het in Keulen horen donderen (=met stomheid geslagen zijn)
  5. in zak en as zitten (=terneergeslagen zijn (oorspronkelijk: Joodse rouw))

Het dialectenwoordenboek kent 46 spreekwoorden met `gesla`

  1. Eindhovens: Hedde hum er nog in gehad? (=Heeft u geslachtsgemeensschap gehad?)
  2. Lokers: van de grond goane (=geslachtsgemeenschap hebben)
  3. Rotterdams: Je aige late doorblaffe (=geslachtsgemeenschap (vrouw))
  4. Munsterbilzen - Minsters: mètte hakke iëver de slaut, mër geen naote viet (=nipt geslaagd is ook geslaagd)
  5. Zottegems: ze é ne scheer geslaegen (=ze heeft een man ontmoet)
  6. Geels: kzen erdeur (=ik ben geslaagd)
  7. Westerkwartiers: hij is dubbel en dwaars sloagd (=hij is glansrijk geslaagd)
  8. Munsterbilzen - Minsters: van de hand gods geslaoge (=van de wijs)
  9. Zoutleeuws: hedder goed geslope (=heb je goed geslapen)
  10. Westfries: 'n kolnacht had (=zeer slecht geslapen hebben)
  11. Waregems: is es ter deure (=hij is geslaagd (examen))
  12. Riemsts: liînkse shroefdroad hemme (=op hetzelfde geslacht vallen)
  13. Bilzers: van den aandre kant (=van het andere geslacht)
  14. Lebbeeks: lam gods: Van 't lam gods geslauge zijn (=Stomverbaasd, sprakeloos zijn)
  15. Munsterbilzen - Minsters: ze wor autter laud geslaoge (=ze was de kluts kwijt)
  16. Zoutleeuws: hedder goed geslopen (=heb je goed geslapen)
  17. Bilzers: van de hand Gods geslaoge (=van de wijs)
  18. Waregems: ie es ter deure (=hij is geslaagd (examen))
  19. Eindhovens: Hedde nat gelegen? (=Heb je slecht geslapen?)
  20. Munsterbilzen - Minsters: de kaeks al vërdaste geslaoge bès (=je bent een bleiter)
  21. Nieuwerkerks: graat en blaat geslegen (=grauw en blauw geslagen)
  22. Lichtervelds: je stoend doa lik ne bezikte zak (=hij was van de hand Gods geslagen)
  23. Lovendegems: Van 't Lam Gods geslegen zijn (=van de hand Gods geslagen zijn*)
  24. Budels: werse prej (=vrouwelijk geslacht die tegendraads is)
  25. Drents: 'k Heb vannacht gien wenk in de ogen had. (=Ik heb de hele nacht niet geslapen)
  26. Liemers: Hi-j zei: ik zou daar best een stukje van lusten.\r\nDe boer die:nde 'm van repliek : gi-j bun hier nie in de kerk en nie bi-j't laetste aovendmaol. (=De pastoor bij het geslachte varken op de ladder van de boer.)
  27. Westerkwartiers: die kirrel het 't heulemoal moakt (=die man is geslaagd in zijn leven)
  28. Giesbaargs: uin bouze vor teksoamen (=niet geslaagd voor een eksamen)
  29. Deinzes: een zende (=deel van het geslacht varkensvlees voor de helper)
  30. Munsterbilzen - Minsters: iës zoette de derm ènt vèrke en nau zittet vèrke èn de derm (=we hebben het varken geslacht)
  31. Mestreechs: vaan unne kawwe kermis thoes kaome (=de plank mis geslagen hebben)
  32. Munsterbilzen - Minsters: tèssem èn zen boeëvekaomer geslaoge (=Hij is er niet goed van geworden)
  33. Weerts: Sinte Ketrien deut de vêrkes pien (=Rond St. Catharina (25 november) werden veel varkens geslacht)
  34. Leuvens: ik em den iele nacht wei zitte wezzele ! (=ik heb weer niet geslapen deze nacht)
  35. Sint-Niklaas: van geel de nacht geen oog dicht gedoan ein (=van heel de nacht niet geslapen hebben)
  36. Steins: sjans höbbe (=aandacht van 't andere geslacht hebben)
  37. Munsterbilzen - Minsters: hae ès auttet veld geslaoge (=de boer kan het nu wel rooien)
  38. Utrechts: 't gebuk krijge/de duvel voor ze nuwe jaor krijge/ze hebbe-n-'m twee blauwe lampe geslaoge (=slaag krijgen, 'n flink pak)
  39. leuvens: Z'iet ne goeie sjeir gedon... (=Zij heeft een interessante partij aan de haak geslagen)
  40. Willebroeks: dau edde den oewfdvogel mee afgeschote zenne (=daar heb je een kemel mee geslagen)
  41. Westerkwartiers: hij wer teeg'n de vlakte sloag'n (=hij werd knock-out geslagen)
  42. Gents: hij es van de moare berejen (=hij staat slecht gemutst op (heeft slecht geslapen door nachtmerries))
  43. Bilzers: Ich bénter ziëker van datter nie slaech geboerd hét én ze laeve (=Je kan wel zeggen dat hij geslaagd is in 't leven)
  44. Texels: Hee kon gien woord uutbrenge fon skrik en olterasie (=Met stomheid geslagen zijn)
  45. Munsterbilzen - Minsters: ich ho nie alleen mèr de wasspengskes mèr ook de brikskes en soetjaekes sjeef geslaoge (=ik had niet alleen de wasspelden maar ook de broekjes en BH'tjes gepikt)
  46. Antwerps: hij eeget in zene kladerendatsj geslagen (=hij heeft het met veel smaak opgegeten)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen