Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

38 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `er zijn`

  1. aan de zwabber zijn (=een onbezorgd leventje leiden)
  2. aan de zwier zijn (=uitgaan, drinken)
  3. altijd de kwade pier zijn (=altijd als de schuldige aangewezen worden)
  4. boven water zijn (=alles is bekend geworden of is teruggevonden)
  5. de hand over zijn hart strijken (=)
  6. een heet hangijzer zijn (=een groot probleem zijn)
  7. een nul in het cijfer zijn (=niets in te brengen hebben)
  8. een nummer zijn (=van weinig betekenis zijn of althans zo behandeld worden)
  9. een zoon van zijn vader zijn (=het karakter van zijn vader hebben)
  10. er kan geen luis over zijn lever lopen (=hij windt zich voor het minste op)
  11. er zijn altijd meer zwijgers dan sprekers (=lang niet iedereen komt altijd voor zijn mening uit)
  12. er zijn geen rozen zonder doornen. (=bij elk geluk is er ook verdriet.)
  13. er zijn haaien op de kust (=er dreigt gevaar; iemand dreigt jouw voordeeltje in te pikken)
  14. er zijn haaien/kapers op de kust (=er zijn er die willen meeprofiteren)
  15. er zijn maal wel mee kunnen doen (=er wel mee toekomen)
  16. er zijn meer hondjes die Fikkie heten (=er zijn meer mensen/etc met dezelfde naam)
  17. er zijn mond niet aan vuil maken (=er niets over willen zeggen)
  18. er zijn vele wegen die naar Rome leiden. (=er zijn meerdere manieren om iets te doen.)
  19. geen hoogvlieger zijn (=weinig talent hebben)
  20. het ei wil wijzer zijn dan de kip (=kinderen willen wijzer zijn dan de ouders)
  21. het spoor bijster zijn (=de juiste weg niet meer weten)
  22. iemand onder zijn vleugels nemen (=iemand berschermen of verzorgen)
  23. iets aan de knikker zijn (=iets niet in orde of aan de hand zijn)
  24. iets niet over zijn hart kunnen krijgen (=ergens niet toe kunnen komen of ergens op gesteld zijn)
  25. iets over zijn kant laten gaan (=iets aan zich laten gebeuren, zich van iets niet aantrekken)
  26. in het donker zijn alle katten grijs/grauw. (=als de situatie niet duidelijk is, zijn de zaken niet goed te beoordelen.)
  27. leer om leer zijn (=op gelijke manier straffen als de maner waarop iemand in de fout gegaan is)
  28. lood om oud ijzer zijn (=de keuze hebben tussen twee alternatieven die even goed (of slecht) zijn)
  29. onder water zijn (=afwezig zijn)
  30. onder zijn scepter brengen (=ondergeschikt maken)
  31. onder zijn vleugels nemen (=onder bescherming nemen)
  32. over zijn nek gaan (=overgeven, braken, iets vies vinden)
  33. over zijn toeren (=ontredderd)
  34. van de behoudende leer zijn (=conservatief zijn)
  35. voor de bakker zijn (=voor elkaar zijn, in orde zijn)
  36. vroeg in de weer zijn (=vroeg aan het werk zijn)
  37. waar niets is verliest de keizer zijn recht (=van wie niets heeft, kan men niets vorderen)
  38. wel onder zijn zolen kunnen schrijven (=wel mogen vergeten)

38 betekenissen bevatten `er zijn`

  1. Abraham gezien hebben. (=50 jaar of ouder zijn.)
  2. het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien.)
  3. primus inter pares (=de beste onder zijns gelijken)
  4. andermans boeken zijn duister te lezen (=de toestand of bedoelingen van een ander zijn moeilijk in te schatten)
  5. in de lucht hangen (=dreigen te gebeuren - onzeker zijn)
  6. goed zijn woord kunnen doen (=een vlotte prater zijn)
  7. eén gek kan meer vragen dan tien wijzen kunnen beantwoorden. (=er zijn altijd wel vragen waar niemand het antwoord op weet)
  8. er zijn haaien/kapers op de kust (=er zijn er die willen meeprofiteren)
  9. er zijn meer hondjes die Fikkie heten (=er zijn meer mensen/etc met dezelfde naam)
  10. daar zitten nogal wat haken en ogen aan. (=er zijn meer problemen dan je op het eerste gezicht zou denken.)
  11. er zijn vele wegen die naar Rome leiden. (=er zijn meerdere manieren om iets te doen.)
  12. er is onkruid onder de tarwe (=er zijn minderwaardige goederen (of personen) tussen de betere)
  13. niet over rozen gaan (=er zijn nogal wat moeilijkheden.)
  14. alle wegen leiden naar Rome (=er zijn veel manieren om je doel te bereiken / de uitkomst is altijd hetzelfde)
  15. vel over been zijn (=erg mager zijn)
  16. zijn botten kunnen tellen (=erg mager zijn)
  17. vast in zijn schoenen staan (=erg zeker zijn)
  18. iets hoog opnemen (=ergens zeer gekrenkt over zijn)
  19. eten uit de korf zonder zorg (=geen zorgen meer hebben over zijn levensonderhoud)
  20. gehuisd en gehoofd zijn (=gegoede burger zijn)
  21. van de houvast zijn (=gierig of mager zijn)
  22. in alle staten (=helemaal over zijn toeren)
  23. het is volle bak. (=het is helemaal uitverkocht; er zijn heel veel mensen.)
  24. het mes snijdt aan twee kanten. (=het levert dubbel voordeel op. (NL) er zijn niet alleen voordelen aan verbonden, je kan eender wat vanuit verschillende en zelfs tegengestelde standpunten bekijken (BE))
  25. de sigaar zijn (=het slachtoffer zijn)
  26. het haasje zijn (=het slachtoffer zijn)
  27. de tramontane kwijt zijn (=het spoor bijster zijn)
  28. maart roert zijn staart. (=in maart kan het nog stormachtig weer zijn.)
  29. het ei wil wijzer zijn dan de kip (=kinderen willen wijzer zijn dan de ouders)
  30. men kan een paard niet lopend beslaan (=men moet er zijn tijd voor nemen)
  31. de natuur gaat boven de leer (=men volgt eerder zijn karakter dan hetgeen men leert)
  32. onder de vleugels nemen (=onder zijn hoede nemen)
  33. het hart op de lippen hebben (=over zijn emoties durven praten - alles zeggen wat men denkt)
  34. op zijn stokpaardje zitten. (=over zijn lievelingsthema spreken.)
  35. gestolen kunnen worden (=van geen belang meer zijn - niet langer nodig zijn)
  36. zwaar op de hand zijn (=zeer ernstig/zwaarmoedig van karakter zijn)
  37. hij is zo mager als een garnaal (=zeer mager zijn)
  38. met de konijnen door de tralies kunnen eten (=zeer mager zijn)

Het dialectenwoordenboek kent 23 spreekwoorden met `er zijn`

  1. Waregems: 't zijn der die... (=er zijn er die...)
  2. Bilzers: den éne zen daud es den andere ze braud (=er zijn altijd profiteurs)
  3. Huizers: d'r is tevuul dak op t'huis (=er zijn teveel meeluisteraars)
  4. Volendams: je ebbe apostele en Bunskoeters (=verschil moet er zijn)
  5. Veghels: dr sin 2 sorte vrouwen Koj of hil koj (=er zijn 2 soorten vrouwen)
  6. Fries: t feest kin beginne (=er zijn op vrijdag 2 naakte meiden)
  7. Brakels: der ès a op slegter papier geschreevn (=er zijn er minder mooie)
  8. Lovendegems: er zijn voeten aan voagen (=lak hebben aan*)
  9. Lebbeeks: Ei lèit er zijn moeits ni over (=Vrouwenversierder)
  10. Munsterbilzen - Minsters: der zitte storinge opte laajn (=er zijn meningsverschillen)
  11. Evergems: ’t Is amal da niet, ’t es da kind zonder huefd da langs zijn poepken pap moe eedn. (=Dat is niet erg, er zijn veel moeilijker op te lossen problemen.)
  12. Zottegems: strond on de kerre (=er zijn problemen)
  13. Westerkwartiers: d'r benn'n aanwiezings . . . . (=er zijn tekenen . . . . .)
  14. Munsterbilzen - Minsters: hae loet ze laeve (=de beroepsmilitair schoot er zijn hachje bij in)
  15. Oudenbosch: deris daor ontaort veul volluk gewiest (=er zijn daar heel veel mensen geweest)
  16. Fries: Op tongersdei binne der twa froulju (=er zijn op donderdag 2 meiden)
  17. Twents: Der bint leu dee nich van gedachtn veraandert; mer dee deankt nooit noa (=er zijn mensen die nooit van gedachte veranderen, maar deze mensen denken dan ook nooit na)
  18. Westerkwartiers: d'r benn'n meer koapers op 'e kust (=er zijn meer belangstellenden)
  19. Roois (Sint-Oedenrode): Ge hèt twee sort nonne: heul goei en vèrrèkte kaoi. (=er zijn twee soorten nonnen, erg aardige en heel onaardige.)
  20. Munsterbilzen - Minsters: as alle lewaed stop konste de rès heire (=er zijn vele geluiden, maar slechts 1 stilte)
  21. Kinrooi: Dao zeen manskaerels diej ein wolk van ein vrouw höbbe. Es diej dus ins weg is sjientj de zón! (=er zijn mannen die een wolk van een vrouw hebben. Wanneer die dus weg is schijnt de zon!)
  22. Merenaars: letj op, der zèn latten on 't dek (=let op wat je zegt, er zijn kinderen in de buurt (die kunnenhoren wat je zegt))
  23. Lebbeeks: strontvliegen: Ze mag er zijn, de strontvliegen zijn der oeëk (=Meisje dat niet bepaald mooi is)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen