Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `een bui`

  1. het zijn twee handen op een buik (=ze verstaan elkaar volkomen)
  2. twee handen op een buik (=ze werken samen, ze denken er hetzelfde over)

Het dialectenwoordenboek kent 9 spreekwoorden met `een bui`

  1. Hunsels: euvereinhaoje (=Twee handen op een buik)
  2. Overmeers: 'n bijze regen (=een bui regen)
  3. Izegems: in e vroede kolèire (=in een bui van woede)
  4. Mestreechs: twie han op eine boek (=twee handen op een buik)
  5. Mestreechs: un pans vuur op te sjiete (Pvots) (=een buik om op te poepen)
  6. St Huibrechts-Hern: da was nogal een sjoer (=dat was nogal een bui (felle regen))
  7. Westerkwartiers: d'r komt 'n schip met zure abbels aan (=er komt een bui regen deze kant op)
  8. Bilzers: spaor ze laeve mér nie ze geld (=beter een buikje van het zuipen dan een bult van het werken)
  9. Leids: juh, daar loop een buik met benen (=een vrouw die zwanger is)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen