Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

4 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `de waarhe`

  1. al is de leugen nog zo snel de waarheid achterhaalt ze wel (=leugens komen altijd uit)
  2. iemand ongezouten de waarheid zeggen (=precies zeggen hoe er over iets of iemand gedacht wordt zonder iets te verzwijgen)
  3. kinderen en dronkaards spreken de waarheid. (=ze zeggen wat ze vinden, ze zijn ongeremd)
  4. ongezouten de waarheid zeggen (=onverbloemd de waarheid zeggen)

16 betekenissen bevatten `de waarhe`

  1. lieg ik, dan lieg ik in commissie. (=als ik niet de waarheid vertel komt dat omdat ik niet beter weet of vertel wat anderen vertellen)
  2. de ogen verblinden (=blind maken voor de waarheid)
  3. olie drijft boven (=de waarheid komt aan het licht)
  4. alles komt uit al moesten de kraaien het uitbrengen (=de waarheid komt altijd uit)
  5. de raven zullen het uitbrengen (=de waarheid komt hoe dan ook aan het licht)
  6. er geen doekjes om winden (=de waarheid onverbloemd vertellen)
  7. de kraaien zullen het uitbrengen (=de waarheid zal aan het licht komen)
  8. de oren wassen (=duchtig ervan langs geven, de waarheid zeggen)
  9. eerlijk duurt het langst. (=een leugen komt op den duur altijd uit, maar de waarheid blijft altijd waar)
  10. een doekje voor het bloeden (zijn) (=een ontoereikende, slechts symbolische maatregel of, een smoesje zijn, niet de waarheid)
  11. er is geen speld tussen te krijgen (=het is absoluut de waarheid, absoluut correct)
  12. iemand zijn vet geven (=iemand flink de waarheid zeggen)
  13. iemand ongesuikerd zeggen waar het op staat (=iemand ongegeneerd de waarheid zeggen)
  14. leugens hebben korte benen. (=met een leugen schiet iemand niets op, na verloop van tijd komt de waarheid altijd naar buiten)
  15. ongesuikerd zeggen waar het op staat (=onverbloemd de waarheid zeggen)
  16. ongezouten de waarheid zeggen (=onverbloemd de waarheid zeggen)

Het dialectenwoordenboek kent 42 spreekwoorden met `de waarhe`

  1. Groesbeeks: Nosteren (=Iemand de waarheid zeggen)
  2. Bilzers: aste de woerd spriks, hoeste geen liëges te onthaate (=de waarheid loont !)
  3. Opglabbeeks: det kumt uut,al moote de krêje het uutbringe (=de waarheid zal uitkomen)
  4. Genneps: Iemes den gros wissele (=Iemand onverholen de waarheid vertellen)
  5. Kinrooi: noe zeen we ter (=nu komt de waarheid boven)
  6. Brugs: je wort in zun hemde gezet (=de waarheid komt altijd uit)
  7. Roermonds: dem höb ich de pies lauw gemaak (=ik heb hem flink de waarheid gezegd)
  8. Munsterbilzen - Minsters: van zaoterikke en kleen kènder heirste nog ès de woerd (=zatlappen en kinderen vertellen de waarheid)
  9. Munsterbilzen - Minsters: alle foetelkes koëmen aut, al bringen et de kraeë noë baute (=al gaat de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel)
  10. Drents: Leugens hebt körte bienties (=Al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel)
  11. Munsterbilzen - Minsters: polletiekers mauge vër mich den heile werd veraandre, mèr ziëker nie de woerd (=verander alles, maar laat de waarheid)
  12. Munsterbilzen - Minsters: bau rook ès , ès viër (=waar roddels de ronde doen, is de waarheid niet ver af)
  13. Munsterbilzen - Minsters: zen zaolighètse gaeve (=de waarheid zeggen)
  14. Lichtervelds: tis beniesd, tis woa (=het is de waarheid)
  15. Bilzers: iemed aut zenen dreem haole (=iemand de waarheid zeggen)
  16. Antwerps: 'k mag doedvalle aklieg (=de waarheid vertellen)
  17. Mestreechs: op hawwe met drum dreije (=eindelijk de waarheid vertellen)
  18. Gelaens (Geleens): Emes dèksele. (=Iemand de waarheid zeggen.)
  19. West-Vlaams: de kraaien goant uutbringn (=de waarheid zal wel uitkomen)
  20. Veurns: drukk'n zoender iente (=het nieuw nauw nemen met de waarheid)
  21. Munsterbilzen - Minsters: iemes aut zene dreem helpe (=iemand de waarheid zeggen)
  22. Bergs: Wete war 't henneke te nest gaat (=Achter de waarheid komen)
  23. Sint-Niklaas: 'k mag ier doodvallen ak lieg (=ik vertel de waarheid)
  24. Gents: klinkt het niet zo botst het (=iemand die vlakaf de waarheid zegt)
  25. Giethoorns: De pochel vol schelden (=Flink de waarheid zeggen en niet op een vriendelijke manier)
  26. Overpelts: hei hit 'm de levieten gelézen (=hij heeft hem de waarheid gezegd)
  27. Tilburgs: Drie k'raaien! (=U heeft drie pogingen om achter de waarheid te komen!)
  28. Genneps: Iemand den gros wissele (=Terecht gewezen worden. Iemand de waarheid zeggen)
  29. Flakkees: Al motte de kroaien ut uutbriengen. (=We zullen achter de waarheid komen.)
  30. Lebbeeks: doekskes: Gieën doekskes aundoen / omwinn'n (=de waarheid niet verdoezelen / omfloersen)
  31. Munsterbilzen - Minsters: iemes de leviete laeze (=iemand de waarheid zeggen)
  32. Bilzers: men tweide vroo woster al zoe snel vandür datze men iëste nog haet éngehold (=al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel)
  33. Bilzers: liëges hûbbe kotte been (=al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel)
  34. Kinrooi: Es te de waorheid vertèls hoofs te gein leuges te ónthaoje! (=Wanneer je de waarheid vertelt hoef je geen leugens te onthouden!)
  35. Genneps: iemand geducht de waarheid zeggen (=iemand d'n mantel ut vege)
  36. Lebbeeks: beniest: 't Es beniest, 't es de waurouijd (='t Is de waarheid (uitspraak na het niezen))
  37. Bilzers: zene kop ént zand staeke (=de waarheid niet willen zien)
  38. Westerkwartiers: één op 't vestje spei'n (=iemand de waarheid zeggen)
  39. Hulsters (NL): d'r ene zain zalig'eid gheven (=iemand flink de waarheid zeggen)
  40. Oudenbosch: elke speek vant wiel komt bove (=de waarheid komt wel boven water)
  41. Brakels: de woarijt komt uit a moest'n de kroun uitbrin' (=ooit zal de waarheid aan het licht komen)
  42. Sint-Niklaas: lutsen (=op een lepe maniier iemand ondervragen om achter de waarheid te komen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen