Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `baas z`

  1. een baas boven baas zijn (=er is altijd wel iemand die het beter kan of het beter denkt te kunnen)
  2. iemand of iets de baas zijn. (=iemand of iets kunnen overmeesteren.)

15 betekenissen bevatten `baas z`

  1. het rijk alleen hebben (=alleen baas zijn, alleen thuis zijn)
  2. de scepter zwaaien (=baas zijn)
  3. de staf zwaaien (=baas zijn)
  4. het hoogste lied zingen (=baas zijn)
  5. het hoogste woord hebben (=baas zijn (of willen zijn))
  6. onder zich hebben (=baas zijn over)
  7. de bezem in de mast voeren (=de baas zijn en leiding hebben)
  8. aan de touwtjes trekken (=de baas zijn, alles regelen, het voor het zeggen hebben)
  9. de grote vissen eten de kleine (=de ondergeschikten moeten doen wat de baas zegt)
  10. er kunnen geen twee grote masten op een schip zijn (=er kan er maar één de baas zijn)
  11. zijn haan moet altijd koning kraaien (=hij wil altijd de baas zijn)
  12. iemand klein krijgen (=iemand laten merken dat je hem aankunt, over iemand de baas zijn en diegene tot gehoorzaamheid dwingen)
  13. onder de duim hebben (=iets goed kunnen/beheersen / in bedwang houden / iemand de baas zijn)
  14. we kunnen niet allen paus van Rome zijn (=niet iedereen kan de baas zijn)
  15. wij kunnen niet allen paus van rome zijn (=niet iedereen kan de baas zijn)

Het dialectenwoordenboek kent één spreekwoord met `baas z`

  1. Westerkwartiers: dat maag niet onner kantoortied (=dat mag niet in de baas z'n tijn)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen