Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


Het dialectenwoordenboek kent 287 spreekwoorden met `alle`

  1. Gulpens: opgedrage an alle lu i gullepe en a wirsziee van de Gulp, die hun dialect nog kalle (=opgedragen aan alle mensen in Gulpen en aan beide kanten van de Gulp die hun dialect nog spreken)
  2. Westerkwartiers: as 't reeg'nt, reeg'nt op alle doak'n (=iedereen krijgt wel tegenslag te verwerken)
  3. Amsterdams: Met Jan en alle man het koffer in duiken (=Met iedereen naar bed gaan)
  4. Sint-Niklaas: alle 2 (3 /4 / .......) weken (=om de 2 (3 /4/ ....) weken)
  5. Sint-Niklaas: kang nog mor alleen ô makoar mè oaken en oûgen (=ik heb overal pijn)
  6. Oudenbosch: ik kan de deur nie alleen laote (=ik moet kijken of er iemand komt)
  7. Bilzers: Doetet mét de vingers of doetet mette daum,t vrouke krait en naote praum (=alle middelen zijn goed om je doel te bereiken)
  8. Evergems: Mé mijn geld goan ze geen putjes zeeken. (=Mijn erfenis zal niet in de mate zijn dat ze kunnen feesten en brassen met alle gevolgen vandien…)
  9. Giethoorns: Op alle daegen lopen (=De laatste dagen voor de bevalling)
  10. Arendonks: hai zit alle doage oep mn dak (=hij is vaak bij ons)
  11. Westerkwartiers: niet alle holt is timmerholt (=niet alles is overal geschikt voor)
  12. Rijssens: hee hef ze nit alle veerntwentug in 't kratje (=hij is niet goed wijs)
  13. Munsterbilzen - Minsters: astich normaol bès,zin alle gekke normaol (=je ben tvolkomen geschift)
  14. Munsterbilzen - Minsters: vrigger worre vër joenk en sjaun, nau nog alleen mèr sjaun (=we worden wel een dagje ouder en...lelijker)
  15. Munsterbilzen - Minsters: alleen zene mond goeng wijd genoeg oëpe (=de valschermspringer viel uit de lucht)
  16. Munsterbilzen - Minsters: de bès ziëker de plezantste toeres (aste alleen taus bès) (=ha, ha, meen je dat echt ???)
  17. Kalforts: Puurs komt alleen naar Kalfort voor botermelk en pirrewitjes (=Kalfort is te min voor die van Puurs)
  18. Heezers: wie ut wijf trouw om ut lijf,verliest ut lijf,mer haawt ut wijf (=wie een mooie vrouw trouwd is het mooie er vlug af enblijft alleen de vrouw over)
  19. Munsterbilzen - Minsters: alle foetelkes koëmen aut, al bringen et de kraeë noë baute (=al gaat de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel)
  20. Zaans: alle vrachies lichte zai de skipper, en gooide ze vrouw overboord (=Dat scheelt weer, in bagage/in gewicht)
  21. Munsterbilzen - Minsters: as alle lewaed stop konste de rès heire (=er zijn vele geluiden, maar slechts 1 stilte)
  22. Tilburgs: as plöddeke vööl de kaomer doe, dan stinke alle huukskes (=als een vuil, slordig iemand de kamer doet, stinkt het overal)
  23. Wetters: moestek a zue een postuurken, op mijn scha stoan en, kdoe alle dagen mijn stof af (=weg van een zeer mooie vrouw)
  24. Munsterbilzen - Minsters: Waaj de Ford koem, koem ook (te) viël verkeir dür Minster, nie alléén van daaj wo opte Ford wërkde mèr ook van zwaur verkeir vür den heile indestrie ronte Ford (=De Ford fabrieken bezorgden in Munster heel wat verkeersoverlast, niet alleen door de spitsuren van de Fordwerkers, maar ook door camions die naar de nieuwe industriezone trokken)
  25. Munsterbilzen - Minsters: as ermoej troef ès, aete ver alleen mèr spek bij et braud (=in dagen van nood, eten we spek mèt brood)
  26. Munsterbilzen - Minsters: de bès nie alleen opte werd (=wees wat stiller onder de lessen, anderen willen ook slapen)
  27. Munsterbilzen - Minsters: daaj höb ich alle hiek van de kaomer lotte zien (=die heb ik eens goed tussengepakt)
  28. Antwerps: Mé alle Chineze mor ni mé den deze. (=Je gaat mij niet voor de gek houden.)
  29. Antwerps: 'kep eur alle oeke van de slopkaomer loate zing (=ik ben met haar naar bed geweest)
  30. Westerkwartiers: 'k heb 't er alle vertrouw'n ien (=ik denk dat het wel goed zit)
  31. Antwerps: kebbem alle hoeke van de koamer loate zing (=ik heb hem eens flink aangepakt)
  32. Munsterbilzen - Minsters: asset raengert, raengert et op alle daoke (=ieder krijgt wel eens tegenslag)
  33. Oudenbosch: nie alle gras is ooigras (=niet alles is zo mooi als het lijkt)
  34. Kaatsheuvels: zij loapt op alle dag (=zij staat op punt om te bevallen)
  35. Leids: Hij hep een goed hart. Ut had alleen gekookt op sun rug moete hange. Zo hoog dat de honde erbij kunne. (=Iemand is niet aardig)
  36. Sint-Niklaas: die ees alle vijf nie, die eé tur mor twee en nen bezekoek, die is nen toer te lank op de meulen blijven zitten (=die man is lichtjes mentaal gehandicapt)
  37. Oudenbosch: komme ze goed / pakte gij oew prijze?oeneer issut inkurve/inmaande? oelaot issut klokke zette; zijn zal afgesloge? en wanneer worre ze gelicht (p.v.de Postduif bij Willem Vermeulen en Gerrit Goos)? 1948-1964 Fenkelstraat-Varkensmarkt-Polderstraat-Stoofstraat resp.Joh.Hoppenbrouwers,Joh.van Loon,Theo Ambagts,Cees Jongenelen-Janus Meesters-Piet Daas,Rinus Meesters-Koos Keij. Zijndur deur(gekomme) ? ; Speulde gij vites of fond;nest of op weduwschap?;issur dadeentje van de vlucht?daor steektur eentje;ze valle bedicht;nou komme ze gestee-rt af;en daor gao dun eul klad;wiejeet dun eurste gespeult?witte gij wie dun oed op aar?; tis un zwaore vlucht gewiest;zebbe draot gat;op de fond edde weinig waaivluchte;aardur veul mee?;eddok gepoeld?; aardur ok int konkoers staon of aarde ze alleen vor de vereniging mee?;aarderok vol staon ?;;Fenske witte gij dun uitslag vant konkoers? is dun lijst er al? oe laot zijn de prijze naf?. (=duivensport)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen