Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Zen a`

  1. verrijZen als paddenstoelen na een regenachtige dag (=plots tevoorschijn komen)
  2. zuinigheid met vlijt, bouwt huiZen als kastelen (=door zuinig en ijverig te zijn, kan men veel bereiken)

2 betekenissen bevatten `Zen a`

  1. de pot verwijt de ketel dat die zwart ziet (=een ander aanwijZen als schuldige, terwijl die zelf hetzelfde gedaan heeft)
  2. iemand iets in de schoenen schuiven (=iemand aanwijZen als de schuldige of als de verantwoordelijke voor een mislukking)

Het dialectenwoordenboek kent 956 spreekwoorden met `Zen a`

  1. Liedekerks: men ( of zen'n ) oebel afdroën (=hard werken)
  2. Aarschots: in zenne mojerinox (=naakt)
  3. Moorsel: op zenne zak zitten /op zen besse zien (=zuinig leven)
  4. Munsterbilzen - Minsters: zen onderlip hink tot op zenen derde hümmesknoop (=hij baalt enorm)
  5. Bilzers: op zenen donder krijge (=verliezen)
  6. Bilzers: noë zennen ojem snakke (=in ademnood zijn)
  7. Antwerps: zijde gij ni goe? (of: gaa zennichoeseker?) (=ben je niet goed wijs?)
  8. Turnhouts: 't Hangt men kloeute ooit - 'k Zent muug (=Ik verveel me)
  9. Heusdens: wie zennich (=wie denk je dat ik ben)
  10. Munsterbilzen - Minsters: van zenen tetter maoke (=opspelen)
  11. Munsterbilzen - Minsters: aut zenen daum zauke (=verzinnen)
  12. Arendonks: hai drijt zenneh zak (=hij loopt naar de tegenpartij over)
  13. Klings: zennen njeiring broa nie (=Het lukt hem niet)
  14. Geels: Doa zennek ni van gedind. (=Dat staat me niet aan)
  15. Rous (Sint-Genesius-Rode): we zent geschapeit (=het gaat ons goed)
  16. Munsterbilzen - Minsters: zene vilo op zen noës zètte (=zijn bril opzetten)
  17. Antwerps: doar zenk vet mè (=daar ben ik niets mee)
  18. Booms: ineffest zens oant beirre (=hiernaast ledigd men de aalput)
  19. Antwerps: Ik zent zo muug as kaa pap (=Ik ben het beu)
  20. Eekloos: kzoetem nie zenn (=ik zou het hem niet zeggen)
  21. Mechels (BE): zenne keis laate (=sterven)
  22. Bilzers: mét zene stat tësse zen been vertrékke (=als een angsthaas weglopen)
  23. Munsterbilzen - Minsters: de verlies baeter zene kop dan zen hat (=liefde kent geen rede)
  24. Munsterbilzen - Minsters: asset èn zene kop höbs, höbset nie èn zen K. (=niet kunnen wachten)
  25. Munsterbilzen - Minsters: van zennen tak maoke (=opstandig worden)
  26. Diesters: zennen tijt wuit kuit (=weinig levenstijd)
  27. Nieuwerkerks: me hieël zennen (of heren) triljtom (=met pak en zak)
  28. Walshoutems: zenne peire zieng (=Af zien)
  29. Aarschots: van heure (of zenne) sus goon (=flauwvallen)
  30. Bilzers: dae goeng zennen allée (=die was snel weg)
  31. Diesters: Oep ze bakkes (ze gezicht;zenne smikkel ) gegoan, oep ze gat (Zen achterste ) gevalle;eutgeschove; van den trap dondere (=gevallen)
  32. Diesters: as emet in zenne kop het dan etem et ni in zen gat (=hij houdt er koppig aan vast)
  33. Aalsters: ni op zenne chef de fil zen (=zich niet goed in zijn vel voelen)
  34. Munsterbilzen - Minsters: eet je teljoor leeg (=aet zene troeëg aut)
  35. Munsterbilzen - Minsters: van zenen tak maoke (=protesteren)
  36. Moorsel: zenne peiren zien (=afzien)
  37. Ninoofs: 'k em zenen (=Ik ben zenuwachtig)
  38. Munsterbilzen - Minsters: van zenen tetter maoke (=veel spraak hebben)
  39. Munsterbilzen - Minsters: vër zenen èvevieël (=zonder doel)
  40. Munsterbilzen - Minsters: hae snak noë zenen ojem (=hij heeft ademhalingsnood)
  41. Munsterbilzen - Minsters: op zenen ojem traeë (=buiten adem geraken)
  42. Munsterbilzen - Minsters: zenen allee gon (=buiten gezwierd worden)
  43. Munsterbilzen - Minsters: op zenen appel krijge (=klop krijgen)
  44. Bilzers: iemed aut zenen dreem haole (=iemand de waarheid zeggen)
  45. Munsterbilzen - Minsters: van zenen tak maoke (=zich boos maken schreeuwen)
  46. Munsterbilzen - Minsters: van zenen tak maoke (=zich volmondig uiten)
  47. Bilzers: mét zen haan én zene sjaut, kraaj(g)ste naut(s) braud (=zonder werken geen geld)
  48. Deinzes: een zende (=deel van het geslacht varkensvlees voor de helper)
  49. Bilzers: zennen toêr lotte sjiete (=zijn kans voorbij laten gaan)
  50. Bilzers: iemed op zennen appel gaeve (=iemand naar zijn voeten geven)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen