Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

3 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `VOORZ`

  1. van geld VOORZien zijn als een pad van veren (=arm zijn)
  2. VOORZichtigheid is de moeder der wijsheid (=doe het voorzichtig, dan komt er geen schade)
  3. VOORZichtigheid is de moeder van de porseleinkast (=door voorzichtig te zijn, gaan tere zaken langer mee)

29 betekenissen bevatten `VOORZ`

  1. De kruik gaat zolang te water tot zij barst (=1: Alles heeft zijn beperkingen. 2: De onVOORZichtige die niet naar goede raad wil luisteren ondervindt daarvan vroeg of laat de gevolgen)
  2. als een olifant in de porseleinkast (=buitengewoon onVOORZichtig of tactloos)
  3. ik kijk wel uit (=dat doe ik niet, daar ben ik te VOORZichtig voor)
  4. met de helm (op) geboren zijn (=de toekomst kunnen voorspellen / bijzonder VOORZichtig zijn)
  5. voorzichtigheid is de moeder der wijsheid (=doe het VOORZichtig, dan komt er geen schade)
  6. recht praten wat krom is (=door een ingewikkelde, onjuiste redenering een onzuivere situatie, daad of besluit trachten van een rechtvaardiging te VOORZien)
  7. voorkomen is beter dan genezen (=door VOORZichtig te zijn kun je problemen en ongelukken voorkomen)
  8. voorzichtigheid is de moeder van de porseleinkast (=door VOORZichtig te zijn, gaan tere zaken langer mee)
  9. voor het inkoppen hebben (=een eenvoudige kans om in een discussie een punt te maken dankzij een VOORZet van een ander)
  10. één uur van onbedachtzaamheid, kan maken dat men jaren schreit (=één moment van onVOORZichtigheid kan verschrikkelijke gevolgen hebben)
  11. bang zijn zich aan koud water te branden (=erg VOORZichtig zijn)
  12. ergens een balletje over opgooien (=ergens VOORZichtig over beginnen te praten om erachter te komen wat anderen ervan vinden)
  13. zachtjes aan, dan breekt het lijntje niet (=handel VOORZichtig, dan mislukt het niet)
  14. op een goudschaaltje leggen/wegen (=heel VOORZichtig afwegen)
  15. iemand het brood uit de mond nemen/stoten (=iemand het onmogelijk maken om in eigen inkomen te kunnen VOORZien)
  16. wie zichzelf bewaart, bewaart geen rotte appel (=je moet VOORZichtig omgaan met jezelf, want het is niet vervangbaar)
  17. men moet rijden en omzien (=men moet VOORZichtig te werk gaan)
  18. een slag om de arm houden (=niet direct alles vertellen of VOORZichtig zijn om toekomstige problemen voor te zijn)
  19. een dood paard aan een boom binden (=overdreven VOORZichtig zijn)
  20. Een dood paard aan een boom binden. (=Overdreven VOORZichtig zijn)
  21. boompje groot, plantertje dood (=sommige dingen hebben effecten die je niet kunt VOORZien)
  22. kijken hoe de hazen lopen (=VOORZichtig te werk gaan, eerst afwachten hoe de verhoudingen blijken te liggen)
  23. op je tellen passen (=VOORZichtig zijn)
  24. in geen twee sloten tegelijk lopen (=VOORZichtig zijn en op zichzelf kunnen passen)
  25. op zijn hoede (of qui-vive) zijn (=VOORZichtig zijn omdat het niet helemaal vertrouwd wordt)
  26. weet wat je zegt, maar zeg niet alles wat je weet (=wees VOORZichtig met woorden en je informatie)
  27. op eieren lopen (=zeer VOORZichtig handelen)
  28. op de pit leunen (=zich laten VOORZeggen (door toneelspelers))
  29. met de klompen op het ijs komen (=zich onVOORZichtig ergens begeven waar men niet thuis hoort)

Het dialectenwoordenboek kent 24 spreekwoorden met `VOORZ`

  1. Munsterbilzen - Minsters: e goed vèrke frit al (=eet wat men je ook VOORZet)
  2. Waregems: t'n iptelle (vb. 2 stoelen/dozen...) (=bovenop het VOORZiene getal/gewicht/aantal)
  3. Tilburgs: kwaansel nie zo meej dieje rôome !! (=wees eens wat VOORZichtiger met die melkkan !!)
  4. Merenaars: op a banne letten (=VOORZichtig zijn)
  5. Katwijks: heb stuidie (=wees VOORZichtig !!!)
  6. Twents: wel nich klaagt , krig ok gen holp (=wie niet VOORZich zelf opkomt krijgt staat met lege handen)
  7. Gents: mee dubbel (dobbel) krijt schrijven (=meer aanrekenen dan VOORZien)
  8. Sallands: bi-j de klomp'n anvuul'n (=iets VOORZien)
  9. Westerkwartiers: pak an, 't is dien moeke niet (=niet zo VOORZichtig doen)
  10. Munsterbilzen - Minsters: op eer loppe (=zeer VOORZichtig handelen)
  11. Sint-Niklaas: ieverangst blève plakken (=langer ergens blijven dan VOORZien)
  12. Westerkwartiers: hij holt 'n slag om 'e aarm (=hij wacht VOORZichtig af)
  13. Munsterbilzen - Minsters: dae lüp op eer (=die is heel VOORZichtig)
  14. Munsterbilzen - Minsters: ne slaog um den erm haage (=VOORZichtig afwachten)
  15. Evergems: den tren es doare, pastop (=de trein is er, VOORZichtig)
  16. Lebbeeks: ouijre: Op ouijre loeëpen (=Heel VOORZichtig stappen)
  17. Sint-Niklaas: nen trui achterste veuren oan ein (=per vergissing een pull met de VOORZijde op de rug aanhebben)
  18. Munsterbilzen - Minsters: opte tippe van zen teine loppe (=VOORZichtig en waakzaam blijven)
  19. Westerkwartiers: moest dien eig'n broek opholl'n (=jij moet in je eigen onderhoud VOORZien)
  20. Westerkwartiers: die kirrel is een met 'n gebruuksaanwiezing (=die man moet je VOORZichtig benaderen)
  21. Zeeuws: Beter bange Piet dan dôôie Piet (=Je kunt beter VOORZichtig dan overmoedig zijn)
  22. Bilzers: wotte boer nie kint, itter ook nie (=begin nooit aan iets waarvan je de afloop niet kan VOORZien)
  23. Berlicums: Gift hier wè! (=Kunt u deze zijde van de bar aub van een consumptie VOORZien?)
  24. Lokers: 'k zal 't em wal in zijn sause duen (=Ik zal het hem wel heel VOORZichtig laten weten)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen