Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Schijnen`

  1. de zon in het water kunnen zien Schijnen (=kunnen verdragen dat een ander ook iets krijgt)
  2. de zon niet in het water kunnen zien Schijnen (=jaloers zijn, iets niet kunnen verdragen)
  3. De zon niet in het water kunnen zien Schijnen (=Afgunst hebben (jaloers zijn) op een ander)
  4. iemand in de ogen Schijnen (=iemand hinderen)
  5. in de ogen Schijnen/steken (=hinderlijk zijn, ergeren)
  6. ter wereld is er geen dodelijker venijn, dan vriend te Schijnen en vijand te zijn (=hoed je voor onoprechte vrienden)
  7. Zijn licht ergens op laten Schijnen (=Iets duidelijk maken)

Eén betekenis bevat `Schijnen`

  1. boven water komen / boven water halen (=tevoorschijn komen / tevoorschijn halen, verSchijnen, opduiken)

Het dialectenwoordenboek kent 2 spreekwoorden met `Schijnen`

  1. Drents: 't Aol mèens zet 't ooriezer op, de zunne giet skien (=de zon gaat Schijnen)
  2. Munsterbilzen - Minsters: de moes nie altijd zik zin vür baeter te wiëne (=alle zorgen verdwijnen als de zon weer gaat Schijnen)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen