Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


Eén spreekwoord bevat `Klut`

  1. de Kluts kwijt zijn (=in de war zijn)

Het dialectenwoordenboek kent 54 spreekwoorden met `Klut`

  1. Bilzers: van de waajs (=de Kluts kwijt)
  2. Antwerps: Ajis van zan mellek. Z'is van eur mellek. (=Hij is de Kluts kwijt. Zij is de Kluts kwijt.)
  3. Poperings: e peure tettingen (=een Kluts aardwormen)
  4. Munsterbilzen - Minsters: aut zen bedoening zin (=de Kluts kwijt zijn)
  5. tervurens: aa kloesj kwaat zaan (=uw Kluts kwijt zijn)
  6. Westerkwartiers: zij was uut 't lood sloag'n (=zij was de Kluts kwijt)
  7. Kortrijks: jè gen Kluttn (=hij heeft geen geld)
  8. Knesselaars: ij es zijn Klutn gaan schuurn (=hij is er vandoor)
  9. Gents: op zaan Klute stuiken (=vallen)
  10. Munsterbilzen - Minsters: ze wor autter laud geslaoge (=ze was de Kluts kwijt)
  11. Zottegems: ne Klut aftrekken (=iemand foppen)
  12. Overmeers: e Klutsken bier (=een slok bier)
  13. Veurns: z'n ersens Klutsen mi... (=Zich zorgen maken over...)
  14. Veurns: Klutterbillen van de koede (=rillen van de kou)
  15. Gents: trekt op gien Kluten (=het trekt op niets)
  16. Bilzers: ich voel aateriëver op mene bauk (=ik was totaal mijn Kluts kwijt)
  17. Munsterbilzen - Minsters: de brings mich van menen aprepoo (=ik geraak de Kluts kwijt)
  18. Brugs: van enden en tutten maakt men centen en Klutten (=spaarzaamheid)
  19. Munsterbilzen - Minsters: van zen mölk zin (=de Kluts kwijt zijn)
  20. Brugs: 't is gin Klute wèèrd (=het is niets waard)
  21. Clings: een Klutsken (=een beetje (bijv. aardappelen in een zakje))
  22. Evergems: 'n Stuk in zijnen zjiléé (ook Kluten) (=Een stuk in zijn kraag)
  23. Westerkwartiers: die is de Kluts kwiet (=die is helemaal in de war)
  24. Hams: hij es zijne Kluts kwijt (=hij lette niet op)
  25. Munsterbilzen - Minsters: zene Kluts kwijt zin (=van zijn melk zijn)
  26. Zeeuws: jie heid glad geen Klute (=je hebt geen verstand)
  27. Opglabbeeks: mët klitse en Klute (=met klikken en klakken)
  28. Veurns: gin roste Klute wèèrd zien (=niets waard zijn)
  29. Assers: Hae is van de kar aaf. (=Hij is verbouwereerd, de Kluts kwijt)
  30. Bilzers: van zen mëlk (de koeëk) zin (=de Kluts kwijt zijn)
  31. tervurens: Bloost em op, kust maain ol, kus maain Klute (=de pot op)
  32. Veurns: gin roste Klute wèèrd (=geen knip voor de neus waard)
  33. Hams: hij es zijne Kluts kwijt (=hij is van zijn melk)
  34. Mols: de Kluts kwijt zijn (=van slag zijn)
  35. West-vlaams: de Kluts kwiet zien (=van niets (meer) weten)
  36. Overmeers: ne Kluts kolen (=een zak kolen)
  37. Steins: ich bèn ram oeterreine (=ik ben helemaal de Kluts kwijt)
  38. Brakels: tzwit va zijn Klutn lupt zijn veurhufd omuge (=hij is erg bezweet)
  39. Lovendegems: de Kluten uithangen (=er genoeg van hebben*)
  40. Genneps: Nog gen Klut vur un krej kunne onderscheie (=Geen verschil kunnen zien)
  41. West-vlaams: gin roste Klute weird zien (=niets waard zijn)
  42. Tilburgs: assie nie rokt, ròktie van de wèès (=wanneer hij niet rookt, raakt hij de Kluts kwijt)
  43. Munsterbilzen - Minsters: dat hèt mich gepak, ich bèn der onnersteboëve van (=dat heeft me aangegrepen, ik ben er de Kluts van kwijt)
  44. Sint-Niklaas: een ei Klutsen (=een ei breken en in een kommetje roeren)
  45. Oudenbosch: ij waar eulemaol de Kluts kwijt (=hij was erg in de war)
  46. Oudenbosch: ijis de Kluts kwijt (=hij weet het niet meer)
  47. Siebengewalds: Ik zie de Kluts kwiet (=Ik weet het niet meer)
  48. Genneps: Mit den kunde de Klutte ok nie uuthaole (=Niet kunnen samenwerken door domheid van iemand)
  49. Steins: Ich bèn gans oetereine (=ik ben de Kluts kwijt)
  50. Lovendegems: de Kluts kwijt zijn (=niet weten wat aanvangen*)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen