Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


2 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `In kan`

  1. een vreemdeling In kanaän zijn (=weinig weten over het besproken onderwerp)
  2. In kannen en kruiken zijn (=alles is geregeld)

Het dialectenwoordenboek kent 606 spreekwoorden met `In kan`

  1. Bilzers: ne bliëker (=kandelaar met oor)
  2. Sint-Laureins: iemand ten kandeele gaan (=iemand te lijf gaan)
  3. Waregems: te kandeêle goan (=onbehouwen, brutaal aanpakken)
  4. Kaatsheuvels: Witte wè ge kaant, niks kande, dè kande! (=Weet je wat je kunt, niets kun je, dat kun je!)
  5. Munsterbilzen - Minsters: de kie wonten gehied of op den teir gehod opte bêm onder de kannedasse (=de koeien werden gehoed of plaatselijk vastgepind in de beemden onder de kanadabomen)
  6. Gronings: hest weer veur'n kander (=heb je het weer voor elkaar)
  7. Bathmens: Det kan'k ni wach'n (=Daar heb ik geen tijd voor)
  8. Lebbeeks: kandespierestaankompakse (=Ik hang de hesp hier, is het de uwe kom pak ze)
  9. Waregems: te kandeêle (te keeëre) goan (=te lijf gaan, met geweld onder handen nemen)
  10. Neerharens: Doa veurt e sjeeëp op de knaal (=Daar vaart een schip op het kanaal)
  11. Antwerps: a kan just van broëd strongt moake (=hij kan niets)
  12. Zeeuws: je kan teranangen (=je kan me wat)
  13. Brakels: ij kan teragter fluit'n (=hij kan het vergeten)
  14. Herentals: kan me nie schille, (boeie) (=kan me niet schelen)
  15. Genneps: Ik kan nie hekse (=Ik kan niet toveren)
  16. Koersels: Ich kan geweire (=Ik kan verder zonder hulp)
  17. Hals: Daane kan er e pansjken oen hange (=Die kan zeveren)
  18. Aspers: da kan mijnen bruinen nie trekken (=dat kan ik niet betalen)
  19. Munsterbilzen - Minsters: kan ich ter stoeët op maoke ? (=kan ik daar op rekenen ?)
  20. Lichtervelds: mnen eezle kan da nie trekkn (=ik kan dat niet betalen)
  21. Sint-Niklaas: kan der nie opkommen (=ik kan het mij niet herinneren)
  22. Putters: die kan 't nie liejen (=hij kan het niet betalen)
  23. Flakkees: Wat joe ken. ken ik aok. (=Wat jij kan, kan ik ook.)
  24. Ouddorps: Hie hei 'n gladde rik (=Hij kan veel hebben)
  25. Westerkwartiers: 't ken aalmoal net (=het kan allemaal precies)
  26. Bilzers: dasse daudgeboëre kénd (=daar kan niets van komen)
  27. brabants: Da hedde wellus (=Dat kan gebeuren)
  28. Antwerps: dakannekikkeni (=dat kan ik niet)
  29. Overmeers: 'n kanne ole (=een kan petrolium)
  30. Gronings: van ain en te hoop (=kan je niet vertalen)
  31. Brakels (gld): Ut nukt me niks (=Kan mij niets schelen)
  32. Hams: 'tschaap is de preut af (=ik kan niet meer)
  33. Wetters: kzitte strop (=ik kan niet meer verder)
  34. Sallands: Váke beij te bangge (=Leef nu je kan)
  35. Heuvellands: calischeklutser (=persoon waarop men niet rekenen kan)
  36. Westfries: Krappe sokken (=Het kan/ past maar net)
  37. Denderleeuws: ik kan zingen gelek e pjied mo kan zoe noag ne loepen (=ik kan zingen zoals een paard maar kan niet zo hard lopen)
  38. Munsterbilzen - Minsters: da kan mich nie boemme (='t kan me niets schelen)
  39. Munsterbilzen - Minsters: doë kan ich nie van iëver (=dat kan ik niet vatten)
  40. Kortrijks: Ie kan nog ip geen ei skipp'n (=hij kan niet voetballen)
  41. Opglabbeeks: 't kan mich neet shêle (=het kan me niet schelen)
  42. Amsterdams: Het kan me niet verrotten (=Het kan me niet schelen)
  43. Nijlens: het kan me ni schille (=het kan mij niet schelen)
  44. kortemarks: je kan eetn lik ne dykedelvre (=hij kan veel eten)
  45. Waregems: ie 'n kan 't nie lei'n, ie 'n kan ter nie teeën (=hij kan het niet verdragen)
  46. Deinzes: Da jontse kan no'al u betse pullen! (=Dat jongetje kan drinken)
  47. Epers: Dät kan net eender wat wéézn (=Dat kan van alles zijn)
  48. Sint-Niklaas: die kan over alles meeklappen (=die kan over alles meepraten)
  49. Antwerps: kan me nie verdoemme, jao, flutla ! (=kan me niet schelen)
  50. Zeeuws: ai tnie ouwen kan dan lit j tme vaaln (=k kan tniet houden)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen