Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Iddel`

  1. aan de mIddelhand zitten (=niet eerst of laatst moeten spelen)
  2. Een paardenmIddel (=Een sterk medicijn)
  3. een paardenmIddel (=een uiterste remedie)
  4. het doel heiligt de mIddelen (=alle middelen zijn toegelaten, zolang het doel maar bereikt wordt)
  5. het mIddel is erger dan de kwaal (=de oplossing veroorzaakt nog meer schade)

33 betekenissen bevatten `Iddel`

  1. alles op haren en snaren zetten (=alle mIddelen aanwenden / alles in het werk stellen)
  2. het doel heiligt de middelen (=alle mIddelen zijn toegelaten, zolang het doel maar bereikt wordt)
  3. binnen de kortste keren (=bijna onmIddellijk)
  4. zij hebben een te grote broek aangetrokken (=die organisatie heeft een doel op zich genomen waarvoor ze niet de benodigde capaciteiten, financiële mIddelen en/of invloed heeft)
  5. goed gereedschap is het halve werk (=door de juiste hulpmIddelen te gebruiken wordt het karwei snel geklaard)
  6. aan de hand van (=door mIddel van)
  7. met gesloten beurs betalen (=door mIddel van een wederzijdse schuld het bedrag verrekenen)
  8. een achterdeurtje openhouden (=een redmIddel in nood houden)
  9. iets niet koud laten worden (=ergens onmIddellijk op ingaan)
  10. door de bank genomen (=gemIddeld; meestal; gewoonlijk)
  11. binnen de kortste keren (=heel snel, bijna onmIddellijk)
  12. iemand op zijn wenken bedienen (=iemand altijd en onmIddellijk geven waar hij om vraagt)
  13. zuivel op zuivel is voer voor de duivel (=in de MIddeleeuwen gebruikt om mensen van hekserij te beschuldigen, wanneer zij zuivel op zuivel op hun brood deden)
  14. je kaarten op tafel leggen (=laten weten over welke mIddelen je beschikt om iets gedaan te krijgen)
  15. de tering naar de nering zetten (=leven met de mIddelen die men heeft)
  16. men moet roeien met de riemen die men heeft (=men moet werken met de mIddelen die men heeft)
  17. alle hens aan dek (=met alle beschikbare mensen of alle mIddelen)
  18. met open vizier (=met eerlijke mIddelen)
  19. met het ongewapend oog (=met het blote oog (zonder hulpmIddelen))
  20. met het blote oog (=met het oog te zien, zonder hulpmIddelen)
  21. op staande voet (=met onmIddellijke ingang)
  22. met de deur in huis vallen (=meteen ter zake komen / onmIddellijk over datgene beginnen waarvoor men kwam zonder)
  23. de draad van Ariadne (=mIddel om klaarheid te scheppen in een ingewikkeld iets)
  24. Een goed paard maakt nog geen goede ruiter. (=Niet enkel de mIddelen tellen, ook de vaardigheid is belangrijk om resultaat te krijgen.)
  25. op slag (=onmIddellijk)
  26. door de kajuitsramen aan boord komen (=onmIddellijk bevelhebber worden, zonder eerste ondergeschikte te zijn geweest)
  27. de daad bij het woord voegen (=onmIddellijk doen wat men zegt te zullen doen)
  28. werken als een rode lap op een stier (=onmIddellijk erg kwaad maken)
  29. er geen gras over laten groeien (=onmIddellijk profiteren, uitvoeren)
  30. nattevingerwerk zijn / Met de natte vinger doen (=onnauwkeurig, overhaast of zonder de geschikte methode of mIddelen uitgevoerd werk)
  31. er warmpjes bijzitten (=veel geld hebben, over ruime financiële mIddelen beschikken)
  32. veel pijlen op zijn boog hebben (=veel mIddelen, talenten hebben)
  33. als het geld op is, is het kopen gedaan (=zonder liquide mIddelen zijn er geen uitgaven meer mogelijk)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen