Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek


21 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` zonder`

  1. als een kip zonder kop (=zonder beraad, onbesuisd)
  2. een hartje zonder zorg (=een zorgeloos iemand)
  3. een ridder zonder vrees of blaam (=een moedig mens)
  4. een straatje zonder eind (=een eindeloos proces, iets wat nooit ophoudt)
  5. een vrouw zonder man is als een vis zonder fiets (=feministische uitspraak)
  6. er zijn geen rozen zonder doornen. (=bij elk geluk is er ook verdriet.)
  7. er zonder kleerscheuren afkomen (=helemaal niets mankeren na een ongeluk)
  8. eten uit de korf zonder zorg (=geen zorgen meer hebben over zijn levensonderhoud)
  9. geen katje om zonder handschoenen aan te pakken (=geen gemakkelijk persoon)
  10. geen koren zonder kaf (=tussen al het goeie zit altijd ook wel iets minder goeds)
  11. geen licht zonder schaduw (=tussen al het goeie zit altijd ook wel iets minder goeds)
  12. geen rook zonder vuur (=er wordt niet over gepraat of er is wel iets van waar)
  13. geen rozen zonder doornen (=bij het geluk hoort ook een beetje tegenslag)
  14. geen vlees zonder been (=niets zonder gebreken)
  15. het is geen katje om zonder handschoenen aan te pakken (=geen eenvoudige opdracht, een `gevaarlijk` persoon)
  16. je kan geen omelet maken zonder eieren te breken. (=om iets te bereiken moet je kosten maken of moeite doen)
  17. kip zonder eieren. (=politieman.)
  18. leven uit de korf zonder zorg (=onbekommerd leven)
  19. meisjes die bloemen vragen, mag je kussen zonder te vragen. (=een aanmoediging om meisjes met bloemen te kussen)
  20. men kan geen omelet maken zonder eieren te breken. (=soms moet men iets verliezen om een hoger doel te bereiken.)
  21. redeneren als een kip zonder kop (=erg dom redeneren)

80 betekenissen bevatten ` zonder`

  1. op zich laten zitten (=aanvaarden zonder tegenstand)
  2. het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien.)
  3. botertje aan de boom zijn / Het is botertje tot de boom (=alles gaat goed zonder problemen)
  4. wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten. (=als je iets doms doet, moet je de gevolgen dragen (liefst zonder klagen))
  5. van een leien dakje gaan. (=bijzonder vlot en zonder problemen verlopen.)
  6. op de man af (=direct, zonder omwegen)
  7. een Babylonische spraakverwarring (=door elkaar spreken zonder naar elkaar te luisteren en elkaar niet verstaan)
  8. over lijken gaan. (=doordouwen zonder oog voor ethiek of moraal.)
  9. grote stappen, gauw thuis. (=een taak uitvoeren zonder zich er druk over te maken of ieder detail correct wordt aangepakt.)
  10. een mooi span voor een bokkenwagen (=een zonderling koppel)
  11. iets in de vingers hebben (=ergens ervaring en deskundigheid over hebben opgebouwd, waardoor men met grote kwaliteit en zonder fouten te maken, zich hiermee bezig kan houden.)
  12. de klok hebben horen luiden maar niet weten waar de klepel hangt (=ergens over gehoord hebben, zonder er echt iets van af te weten)
  13. er over oordelen als een blinde over de kleuren (=erover oordelen zonder kennis van zaken)
  14. dweilen met de kraan open (=geen kans op succes hebben, omdat men de symptomen bestrijdt zonder de oorzaak aan te pakken.)
  15. geld over de balk gooien (of smijten). (=geld verspillen, zonder nadenken uitgeven.)
  16. tranen met tuiten huilen/schreien (=heel erg huilen zonder dat het echt erg is)
  17. op zijn dooie gemak (=heel rustig, zonder zich te haasten)
  18. geen vin verroeren (=heel stil zonder beweging zijn)
  19. het gaat zo zijn gangetje (=het verloopt rustig, zonder ups en downs)
  20. als hamerstuk behandelen (=het voorstel zonder discussie aannemen.)
  21. hij deed mee voor Piet Snot. (=hij deed mee zonder toegevoegde waarde, en zonder erkenning.)
  22. het hek is van de dam (=iedereen doet maar wat die wilt zonder grenzen)
  23. zo de wind waait, waait zijn jasje. (=iemand zonder principes, die zonder eigen mening anderen naar de mond praat.)
  24. iets voetstoots aannemen (=iets geloven zonder bewijs / iets tegen zijn zin aannemen)
  25. iets op zijn beloop laten. (=iets gewoon maar verder laten gaan zonder dat je je ermee bemoeit, zonder dat je ingrijpt.)
  26. op de pof komen (=iets kopen zonder direct te betalen)
  27. een kat in de zak kopen (=iets kopen zonder het gezien te hebben - bedrogen worden)
  28. de vlag dekt de lading niet. (=iets onder een goede naam verkopen zonder dat het ook die kwaliteit heeft)
  29. iets in de schoot geworpen krijgen (=iets verkrijgen zonder al te veel moeite er voor te doen)
  30. uit de lucht grijpen (=iets zonder enige grond vertellen)
  31. iets voetstoots verkopen (=iets zonder garantie verkopen)
  32. in het diepe gegooid worden (=in een baan aan het werk moeten zonder ingewerkt te worden.)
  33. in een vloek en een zucht (=in heel korte tijd , zonder moeite)
  34. in een wip (=in heel korte tijd , zonder moeite)
  35. aan de heidenen overgeleverd (=in zware moeilijkheden - in de macht van mensen zonder scrupules)
  36. een schop van een ezel kunnen verdragen (=je moet het aankunnen dat iemand zonder verstand van zaken kritiek geeft)
  37. men moet geen oude schoenen wegwerpen voordat men nieuwe heeft. (=je moet niet iets al afdanken zonder dat er een vervanger voor is)
  38. die vis heeft moet ook de graat hebben (=je moet ook de nadelen accepteren (geen rozen zonder doornen))
  39. de gebraden duiven vliegen hem in de mond (=krijgt alles zonder er moeite voor te doen)
  40. een knuppel in het honderd gooien (=kritiek geven zonder namen te noemen)
  41. op zijn beloop laten (=laten gebeuren zonder in te grijpen)
  42. glashard liegen. (=liegen zonder er iets van in zijn houding te laten merken.)
  43. meeeten uit de grote pot van egypte (=meegenieten zonder vergoeding)
  44. maar voor het opscheppen hebben (=meer dan genoeg hebben, zonder er iets voor te moeten doen)
  45. met het blote oog (=met het oog te zien, zonder hulpmiddelen)
  46. met de deur in huis vallen (=meteen ter zake komen / onmiddelijk over datgene beginnen waarvoor men kwam zonder)
  47. in adamskostuum. (=naakt, zonder kleren.)
  48. met de pet naar iets gooien (=niet echt moeite voor iets doen, zonder inzicht schatten)
  49. geen vlees zonder been (=niets zonder gebreken)
  50. iemand op sleeptouw nemen (=omdat iemand het alleen niet lukt diegene helpen, iemand steeds maar dingen beloven zonder die na te komen, iemand gebruiken voor eigen belang zoner dat die het doorheeft)

Het dialectenwoordenboek kent 171 spreekwoorden met ` zonder`

  1. Westerkwartiers: hij is 'n buut'nbeendje (=hij is een zonderling)
  2. Arnhems: Kie deur , een kip met peurdeher. (=kijk wat een vreemde/zonderlinge verschijning)
  3. Westfries: huisie zonders meubels (=mooie vrouw met weing inhoud)
  4. Bilzers: de kons geen eer bakke zonderze te braeke (=waar gehakt wordt, vallen spaanders)
  5. Sint-Niklaas: altitoan, gedurig (=zonder ophouden)
  6. Munsterbilzen - Minsters: zonder mauwsjiëre (=zonder schade)
  7. Kortrijks: voargaon zonder boe of ba (=vertrekken zonder iets te zeggen)
  8. Arendonks: over 't murke gestouwete worre (=begraven worden zonder mis)
  9. Bilzers: das priekel (=dat is niet zonder risico)
  10. Sint-Niklaas: paddere mus (=jong vogeltje zonder pluimen)
  11. Koersels: Ich kan geweire (=Ik kan verder zonder hulp)
  12. Wetters: ein zijn bluute voane (=in zijn hemd, zonder broek)
  13. Opglabbeeks: müt de uige kuipe (=winkelen zonder te kopen)
  14. Westerkwartiers: liek is riek (=zonder schulden ben je rijk)
  15. Venloos: Ein kaertje pindraod hebbe (=Zonder toegangsbewijs binnengekomen zijn)
  16. Bilzers: Dat zal wol baetere zonder biëved-gon (=Dat zal wel koelen zonder blazen)
  17. Budels: ut wurd kawd zonder te blóweze (=het wordt koud zonder te blazen)
  18. Giesbaargs: op a kinne kloppen (=zonder moeten)
  19. Westerkwartiers: doar benn'n ze heelhuuds oafkomm'm (=daar zijn ze zonder kleerscheuren afgekomen)
  20. Lichtervelds: je vertrok zoendre veel kompliementn (=hij vertrok zonder veel omhaal)
  21. Westerkwartiers: hij lugt of 't drukt stijt (=hij liegt zonder te blozen)
  22. Sint-Niklaas: ze loûpt mè eure sporpot bloût (=meisje dat zonder slipje loopt)
  23. Rotterdams: geen cent te makken (=Niets te verteren, zonder gelde zitten)
  24. Lichtervelds: klappn lik etwieë zoender vel up zne buuk (=spreken zonder ervaring)
  25. Gemerts: ZE HI SE LOS IN DE KOY (=VROUW zonder BH AAN)
  26. Mestreechs: zoonder verzeij (=zonder er bij na te denken)
  27. Bilzers: van den hiemelse doo konste nie aete (=zonder inkomen wordt het moeilijk)
  28. Oudenbosch: zit nie zo te jaanke dur is pap zat (=zonder reden klagen)
  29. Bocholtz: rink (=fietswiel zonder band)
  30. Bilzers: zonder ophaage; aoneenhaagetig (=zonder ophouden)
  31. Giethoorns: gien spek zonder zwaore (=Gien roosie zonder doornen)
  32. Kinrooi: In tieje van noeëd aete wae woost sónger broeëd! (=In tijden van nood eten wij worst zonder brood!)
  33. Langemarks: oe de gierigoard deure en oe de klotzak were (=iemand die uitgaat zonder geld uit te geven)
  34. Weerts: gae zootj t'r 'n hoês op bouwe en 'n schiêthoês veltjer op um (=iemands praatjes niet zonder meer geloven)
  35. Dilbeeks: En skoen taloer mè niks op. (=Mooi maar zonder inhoud (ook personen))
  36. Liemers: Däöj meh gin wind nie waerd dah't begint (=Dooi zonder wind niet waard dat hij begint.)
  37. Munsterbilzen - Minsters: aut tiëgeslaeg zin de grütste genies geboëre (=zonder dwarsliggers zouden er geen sporen meer zijn)
  38. Antwerps: meuge beffe zonder baffe (=boffen (veel geluk hebben))
  39. Roeselaars: ze lopt rond lik een kieken zonder kop (=doelloos rondlopen)
  40. Tilburgs: körref zonder zörreg (=een zorgeloos iemand)
  41. Brakels: in Poarik zit'n ze weer zonder weere (=slecht weer)
  42. Liedekerks: E zitj zonder smaad (=Zijn geld is op)
  43. Liessents: Bessem hebbe (=Alleen thuis zijn zonder ouders)
  44. Munsterbilzen - Minsters: autte losse hand (=zonder veel voorbereiding)
  45. Bilzers: kotte mette maoke (=zonder dralen of compassie)
  46. Munsterbilzen - Minsters: op dreig zoëd zitte (=zonder geld geraakt)
  47. Oudenbosch: de zon kom binne (=zonder te groeten binnenkomen)
  48. Lokers: edde de film geziene van kfret alliene (=als iemand alleen aan het eten is zonder te vragen of je ook iets wilt)
  49. Diesters: loept gelek e kieke zonder kop (=Loop maar wat rond)
  50. Lebbeeks: Ei es on 't drikke' zonder papier (=Hij is aan het liegen)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen