Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` jaa`

  1. elke dag een draadje is een hemdsmouw in een jaar (=als je iedere dag een beetje doet komt het karwei uiteindelijk klaar)
  2. Hij jaagt alles door het halsgat. (=Hij maakt alles op aan eten en drinken.)
  3. oude paarden jaagt men aan de dijk (=als men zijn taak niet goed meer aankan, wordt men ontslagen)
  4. Oude paarden jaagt men aan de dijk. (=Als men de taak niet meer goed aankan, wordt men ontslagen)
  5. Oude paarden jaagt men achter de schans. (=Oude werknemers worden vaak afgedankt en met vervroegd pensioen gestuurd)
  6. sinds jaar en dag (=al lange tijd)
  7. uit het jaar nul (=volkomen ouderwets, achterhaald, uit de mode)

5 betekenissen bevatten ` jaa`

  1. Abraham gezien hebben (=50 jaar of ouder zijn)
  2. hoc anno (=in dit jaar)
  3. de klop is er op (=ze is 28 jaar)
  4. sine anno (=zonder opgave van jaar)
  5. sine loco et anno (=zonder opgave van plaats en jaartal)

Het dialectenwoordenboek kent 43 spreekwoorden met ` jaa`

  1. Tilburgs: vant aaw int nuu speule (=de jaarwisseling vieren)
  2. Sint-Niklaas: jaat (=ja hij)
  3. Sint-Niklaas: jaat (=ja het)
  4. Sint-Niklaas: jaas (=ja zij)
  5. Westerkwartiers: doar moe 'k wel 'n joar veur kromlegg'n (=daar moet ik wel een jaarvoor werken)
  6. Vlijtingens: de lompste buur heet de dikste jaarpellen (=geluk hebben)
  7. Sint-Niklaas: jaag (=ja gij)
  8. Oudenbosch: jaa zee-g ta wel vrouwke (=nou en of meisje)
  9. Giethoorns: Dat komp zeker van Tjobben jaans (=Uit niemandsland)
  10. Zichers: Jaanketerre goeng er jouwes (=huilend ging hij naar huis)
  11. Aalsters: jaan men kloeiten (=niet betrouwbare persoon)
  12. Mestreechs: haw diech noe neet vaan sint jaan (=stommetje spelen)
  13. Oudenbosch: diejedde gij zo op z n peerd zitte (=die jaag je zo op stang/op de kast)
  14. Noord-Veluws: een gat in de wiend jaagn (=doelloos op weg gaan)
  15. Kaatsheuvels: un potje jaanke (=een beetje huilen)
  16. Westerkwartiers: Jaan met de pet (=het gewone volk)
  17. Twents: As un kat moezt dan mieauwt e nie (=Als een kat jaagt dan mieauwt hij niet)
  18. Oudenbosch: jaa jong tis wa (=je doet er helaas niets aan)
  19. Oudenbosch: jaa daor zee-gde gij wa (=ja dat spreekt voor zich)
  20. Kaatsheuvels: oons taante jaans ies zwoar zieèk (=ons tante Jana is ernstig ziek)
  21. Oudenbosch: zit nie zo te jaanke dur is pap zat (=zonder reden klagen)
  22. Munsterbilzen - Minsters: de kons nie alles hübbe opte werd (=wees tevreden met wat je hebt en jaag niet op dingen die je niet hebt)
  23. Oudenbosch: jaa mee Fraanse, mee mijn;zijde gij da Fraans,zijde gij ut ? (=(tel.) hallo met Frans; ben jij het die belt)
  24. Sint-Niklaas: verlee joar (=verleden jaar)
  25. Olens: tênêstê joawar (=Volgend jaar)
  26. Sint-Niklaas: bingst tjoar (=binnen het jaar)
  27. Aarschots: Tege te neuste jaor (=Tegen volgend jaar)
  28. Tilburgs: zis zis, zisse (=ze is zes jaar, zei ze)
  29. Brakels (gld): Un kring om du moan dè zal nog wel goan, mer un kring om de zon doar jaanku vraauwu en keinder (keijur) om. (=Een kring om de maan zal nog wel gaan, maar een kring om de zon daar huilen vrouwen en kinderen om.)
  30. Aalsters: Tot noste joor (=Tot volgend jaar)
  31. Twents: ik ben kimberley en ik ben 15 jaar (=ik ben kimberley en ik ben15 jaar)
  32. Denderleeuws: as asverleje jour (=dan vorig jaar)
  33. Tilburgs: bliksem in unne kaolen bôom, gift hil ut jaor strôom. (=als het vroeg in het jaar onweert, zullen we een nat jaar krijgen.)
  34. Spakenburgs: dongders ârruge waarheid mingsen (=de blauwe worden dit jaar kampioen)
  35. Spakenburgs: onzin (=de blauwen worden dit jaar geen kampioen)
  36. Twents: ik ben kimberley en ik ben 15 jaar (=ik ben kimberkey en ik ben 15 jaar)
  37. Waregems: 'k rije mee tram zeevn (=ik ben zeventig jaar oud)
  38. Sint-Katelijne-Waver: Aad jaar Nief jaar twiê koeken is eu paar kwèns aa ne gelukkige nievejaar (=Oud jaar,nieuwe jaar twee koeken is een paar 'k wens je een gelukkig nieuwjaar)
  39. Oudenbosch: bende vantjaor al dikkopkus wiesse vange ? (=heb je dit jaar al kikkervisjes gevangen ?)
  40. Schijndels: binne un joar nie hih gevonde (=binnen een jaar niet heeft gevonden)
  41. Heusdens: De boer ha 17 jung en os Merei heitte Tul os en,ooch nog Seefa en osse Jef heitte Fuin en osse Louis heitte Juul , da war fur het nie gemekklijk te maken (=de boer had 17 kinderen , allemaal jaar op jaar , 3 dochters heette Maria en werden , Tul , Mereë en Seefa genoemd, Onze Jozef heette Feun , onze Louis heete Jef en onze Henrie heette Juul, toch niet gemakkelijk he)
  42. Heusdens: chzen geflest en chmot twiede studejoar ble`ve zitte (=ik ben gebuisd en moet het tweede jaar overdoen.)
  43. Klemskerks: Je zie-gie zeekr van 't goe joar? Hiermee wijst men iemand terecht die onrealistische dingen verwacht van een ander. Zie ook 'Jij zijt zeker van alhier niet?' (=Jij zijt zeker van 't goed jaar?)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen