Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

7 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` brui`

  1. dat kan bruin(tje) niet trekken (=dat kunnen we ons niet veroorloven (afgeleid van een populaire naam voor trekpaarden))
  2. een koperen bruiloft (=een 12½-jarig huwelijk)
  3. er de brui aan geven (=ergens mee ophouden)
  4. het al te bruin bakken (=het te erg maken)
  5. je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid (=je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen)
  6. men kan wel dansen al is het niet met de bruid (=men kan ook wel tevreden zijn met iets minder dan het beste)
  7. van een bruiloft komt een bruiloft (=op een bruiloft kunnen twee mensen elkaar leren kennen die dan weer gaan trouwen)

3 betekenissen bevatten ` brui`

  1. er de maan aan geven (=er de brui aan geven)
  2. het is vlees noch vis (=het is niet bruikbaar, omdat het niet duidelijk is)
  3. van een bruiloft komt een bruiloft (=op een bruiloft kunnen twee mensen elkaar leren kennen die dan weer gaan trouwen)

Het dialectenwoordenboek kent 33 spreekwoorden met ` brui`

  1. Gronings: we bin in de kenientjedoagen (=we zijn in de bruidsdagen)
  2. Opglabbeeks: lève inne bruiweriej (=drukte)
  3. Veurns: van passe komm'n (=bruikbaar zijn)
  4. Veurns: sputwoater moe mieërel'n (=prikwater moet bruisen)
  5. Genneps: Dat get nie allemoal van bommelebuske (=Dat kan bruintje niet trekken)
  6. Haags: dehaag sgûhmp (=den haag bruist!)
  7. Veurns: Je zoedt 't an de katte geev'n (=Je zou er de brui aan geven)
  8. Merkems: er de brui aan geven (=het laten afweten)
  9. Zottegems: da kan mijn bruinen nie trekken (=dat is te duur)
  10. antwerps: nen bruinen beer goan verzuipe (=naar het toilet gaan)
  11. Aspers: da kan mijnen bruinen nie trekken (=dat kan ik niet betalen)
  12. Dordts: un pondje krop (=een halfje bruin)
  13. Leuvens: hij roufte (=hij kwam niet opdagen op zijn bruiloft)
  14. Budels: ze hit aért aan de kni-jen (=toekomstige bruid,ze brengt wat mee,heeft geld)
  15. Rotterdams: hallefie krop (=een halfje bruin brood)
  16. Evergems: den 'ird uitschijdn (=Het bruin bakken)
  17. Sint-Niklaas: da ka minnen bruinen nie trekken (=dat is te duur voor mij)
  18. Zeels: da ka mijnen bruinen nie trekken (=dat kan ik mij niet veroorloven)
  19. Zeeuws: Zun tandn lieken we un afgebrand durpje (=Zijn tanden zijn bruine stompjes)
  20. Drents: Ik bid niet veur BROENE bonen (=Ik bid niet voor bruine bonen)
  21. drents: Ik bid nie veur bruune bonen (=Ik bid niet voor bruine bonen.)
  22. Munsterbilzen - Minsters: ze hëbbenet doë grêlleg begojt (=ze hebben het er heel bruin gebakken)
  23. Sint-Laureins: jis zoo bruine of nen beiere (=hij is goed gebruind)
  24. Antwerps: nen bruine gaan stallen (=naar het toilet)
  25. Sinnekloases en niekaarks: bruin weer (=bewokt weer)
  26. Lokers: 'tis moar nen bruinen (=Als de zon zich niet laat zien en het weer overtrokken en regenachtig is)
  27. Volendams: Jej bakke um wel bruin (=Jij maakt hem wel mooi)
  28. Sinnekloases en niekaarks: ge zult bruin zeep aan uwen durpel mogen doen (=een knap kind hebben)
  29. Oudenbosch: zebbent daor wel begaoit en bruin gebakke (=ze hebben het erg bont gemaakt)
  30. Fries: Bûter, brea en brûne sûker, wa't dat net sizze kin gjin uprjochte Fries (=Boter roggebrood en bruine suiker, wie dat niet zeggen kan is geen echte Fries)
  31. Sint-Katelijne-Waver: Dat kan mijnen bruine niet trekken (=Dat kan ik niet betalen)
  32. Alblasserdams: Laat het touwgie (van de damesklompen) niet deurknippen. .. het land in was het de gewoonte om aan de bruid een paar nieuwe klompen mee te geven voor onder de bedstee. Soms waren de maiden zo prompt(trots)met dat kadogie dat ze het touwgie pas deurdeje als het krippie in de bedstee most. (=huwelijkscadeau)
  33. Liemers: Achter in de tuin lei-j meneer de bruin hi-j had gin botte en gin vel en toch rookte hi-j wel. (=Hoop stront achter in de hof. (vers))

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen