de zender

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  zɛndər]
Verbuigingen:  zender|s (meerv.)

1) radio- of tv-station dat programma's uitzendt
Voorbeeld:  `Zet de tv eens op een andere zender.`

2) apparaat dat signalen uitzendt
Voorbeeld:  `Een draadloze microfoon bevat ook een klein zendertje.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afzender radiostation zendinstallatie zendster

9 definities op Encyclo
  • bij literaire communicatie het geheel van schrijver, auteur en verteller, alsmede de (buiten)literaire invloeden die hierop inwerken.
  • bij literaire communicatie het geheel van schrijver, auteur en verteller, alsmede de (buiten)literaire invloeden die hierop inwerken.
  • De zender (producent of detaillist) stuurt een boodschap naar de ontvanger (consument).
  • iemand die een (preventie)boodschap geeft; dat kan een persoon zijn of een organisatie
  • apparaat waarmee je berichten of radioprogramma's overbrengt vb: als je de zender op 98 zet, krijg je Radio 1 Synoniem: transmitter
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met zender:
    zenderaanbodzendercoördinatorzenderenzenderhopzenderhoppenzenderhoptzenderhoptezenderhoptenzenderindelingzenders

    Deze woorden eindigen op zender:
    afzenderbakenzendernieuwszenderradiozenderstoorzendertelevisiezendervoorkeurzenderzakenzenderzeezender

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    zender