stuken

werkw.
Uitspraak:  ['stykə(n)]
Vervoegingen:  stuukte (verl.tijd )
Vervoegingen:  heeft gestuukt (volt.deelw.)

pleisterwerk aanbrengen
Voorbeelden:  `een plafond stuken`,
`Correct zijn: stuken, stuccen en stukadoren (stucwerk aanbrengen). Voorkeur: stuken`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  • 1) Bezetten
  • Toon uitgebreidere definities