stallen

werkw.
Uitspraak:  ['stɑlə(n)]
Vervoegingen:  stalde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gestald (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (een dier) op stal zetten
Voorbeeld:  `de koeien stallen voor de winter`

2) (iets) ergens wegzetten
Voorbeelden:  `je fiets stallen in een fietsenstalling`,
`je zwarte geld stallen op een Zwitserse bank`
Synoniem:  parkeren

© Kernerman Dictionaries.

7 definities op Encyclo
  1. Wegzetten van je fiets. Zie plaatsen.
  2. Gebouwen of delen van gebouwen voor het huisvesten en voeren van paarden, koeien en ander vee, ook voor het opslaan van rij-uitrustingen en voertuigen, en soms met de woo...
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] ow. [gelijkvloeiend] (ik stalde, heb gestald), op stal zetten, - brengen, - bergen, - staan; pissen (van vee); [...
  4. makke of houten eenden, waarmee men de wilde aanlokt
  5. in een garage of andere bewaarplaats zetten vb: ik heb mijn auto gestald in de garage bij de Bijenkorf
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op stallen:
augiasstallenbijenstallendiefstallenkerststallenkoeienstallenkristallenopstallenpaardenstallenpiëdestallenuitstallenuninstallenzestallenzwijnenstallen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. stallen (op stal zetten)
  2. stallen (urineren van vee)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `stallen`.