de sport

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [spɔrt]
Verbuigingen:  sport|en (meerv.)

1) lichamelijke activiteit voor je plezier of als beroep
Voorbeelden:  `Zwemmen, voetballen, schaatsen en wielrennen zijn verschillende sporten.`,
`aan sport doen`,
`een denksport, zoals schaken`,
`wedstrijdsport`,
`teamsport`

2) horizontale lat van een ladder
Voorbeeld:  `een ladder met zeven sporten`
Synoniem:  trede

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
spel trede

Intensiveringen
Hoe kun je sport krachtiger uitdrukken?
topsport;

14 definities op Encyclo
  1. Een sport is een fysiek spel (bijvoorbeeld basketbal) of denkspel (bijvoorbeeld schaken) dat volgens regels in competitieverband of recreatief kan gespeeld worden. Het he...
  2. activiteit waarbij je je lichamelijk inspant vb: zij doet niets aan sport denksporten [schaken en dammen] er een sport van maken [een kwalijke bezigheid tot gewoonte make...
  3. Een wijziging die door op NATUURLIJKE wijze is ontstaan. Een sport onderscheidt zich doorgaans slechts in 1 kenmerk van de moederplant.
  4. Zie Musea met specialitie in sport.
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), trede eener ladder; dwarshout -, spaak in een stoel. † ~, (engels woord), uitspanning [inzonderheid] het jagen); grap; (zee...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met sport:
sportadeptsportadeptensportautosportblessuressportboeksportbroeksportclubsportcomplexsportdagsportdranksportdrankensportensportersportevenementsportfietssportfietsensportgeneeskundesporthalsporthartsporthemd
Toon alle woorden die beginnen met sport

Deze woorden eindigen op sport:
autosportbergsportbiljartsportbokssportdamsportdenksportduiksportduursportgesporthengelsportkrachtsportmotorsportveldsportbuitensportgeldtransportpaardensportrecreatiesportrensportdrafsportschietsport
Toon alle woorden die eindigen op sport

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. sport (lichamelijke bezigheid)
  2. sport (trede van ladder)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `sport` kennen.