de spion

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [spiˈjɔn]
Verbuigingen:  spionnen (meerv.)

iemand die in het geheim informatie over een ander verzamelt, vooral over een vijandige staat

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
binnendringer dubbelspion infiltrant

10 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 een bespieder, uitvorscher; hij, die de geheimen van anderen tracht uit te vorschen, om daarvan voor hen een nadeelig gebruik te maken, bijzonde...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-nen), spie, bespieder; verklikker, geheime agent der politie. ~, ~NETJE, (B. -N), o. (-s), kleine spiegel buiten een venster om g...
  3. een hond, die kort onder het geweer jaagt, en voor het wild teekent zonder te staan
  4. iemand die in opdracht van een ander land in het geheim informatie verzamelt vb: de Russische spion kopieerde de geheime stukken Synoniem: agent
  5. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Spion``] Zie Berigten
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met spion:
spionagespionageromanspionagesatellietspionagesatellietenspioneerspioneerdespioneerdenspioneertspionerenspionnenspionnetjespionnetjes

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. spion (patrijshond)
  2. spion (verspieder)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `spion`.