soeverein

bijv.naamw.
Uitspraak:  [suvə'rɛin]

die of dat de meeste macht heeft
Voorbeelden:  `een soevereine staat`,
`soevereine vorsten`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
alleenheerser autonoom heer heerser koning machthebber majesteit monarch oppermachtig prins vorst

5 definities op Encyclo
  1. eigen baas in eigen gebied
  2. Uit `De lagere vaktalen: Diamantbewerking` 1914 volksetymologie van chevrien. Zie aldaar blz. 297.
  3. wie niet afhankelijk is van een hoger gezag vb: Nederland is een soevereine staat
  4. 1) Alleenheerser 2) Autonoom 3) Die de meeste macht heeft 4) Grootvorst 5) Heer 6) Heerser 7) Koning 8) Landsheer 9) Landsvorst 10) Machthebber 11) Majesteit 12) Monarch ...
  5. munt - Jaar van herkomst: 1612 (Van Gelder 1965 ) oppermachtig - Jaar van herkomst: 1566 (WNT ) vorst - Jaar van herkomst: 1265-1270 (CG Lut.K )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met soeverein:
soevereinboorsoevereinensoevereiniteit

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. soeverein (oppermachtig, vorst)
  2. soeverein (schuine kant)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `soeverein`.