slippen

werkw.
Uitspraak:  [ˈslɪpə(n)]
Vervoegingen:  slipte (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  is geslipt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(van een auto of motor) niet meer bestuurbaar zijn en zomaar ergens heen glijden
Voorbeeld:  `Door de gladheid slipte de auto, waardoor hij dwars op de weg kwam te staan.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
doorschieten glippen onderuitgaan uitglibberen uitglijden uitschieten uitschuiven wegschieten

6 definities op Encyclo
  1. greep op het wegdek verliezen en daardoor niet meer rechtdoor rijden vb: de auto slipte op de gladde brug en dook de sloot in
  2. de hond loslaten, veld laten nemen
  3. De vrije onderdelen van een verder vergroeid bladachtig orgaan. Alternatieven: slip kelkslip kroonslip bloemdekslip bladslip bloemdekslippen kelkslippen kroonslippen blad...
  4. • [erga] wegglijden. • [erga] door gladheid over de weg schuiven.
  5. 1) Doorschieten 2) Gevaar voor voertuigen 3) Glijden 4) Glippen 5) Onderuitgaan 6) Schuiven 7) Slibberen 8) Uitglibberen 9) Uitglijden 10) Uitschieten 11) Uitschuiven 12)...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met slippen:
slippendrager

Herkomst volgens etymologiebank.nl
slippen (wegglijden)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `slippen`.