regeren

werkw.
Uitspraak:  [rəˈxerə(n)]
Vervoegingen:  regeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geregeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(een staat) besturen
Voorbeeld:  `regeren is vooruitzien`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
besturen gezaghebben heersen overheersen

Spreekwoorden en zegswijzen
• strenge heren regeren niet lang. (=wanneer een baas niet een beetje soepel is wordt het voor hem erg moeilijk)
Naar de spreekwoorden

7 definities op Encyclo
  1. • [ov] [politiek] het uitoefenen van de politieke macht door het uitvaardigen van wetten en instellen van organisaties met een bepaalde opdracht
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: (B. REGEEREN), [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik regeerde, heb geregeerd), beheerschen, besturen, het gebied voeren, het bewi...
  3. (Verplicht) gevolgd worden door
  4. er het hoogste gezag hebben en het besturen vb: de regering regeert over het land
  5. 1) Bedwingen 2) Beheersen 3) Besturen 4) Gezag uitoefenen 5) Gezaghebben 6) Heerschappij voeren 7) Heersen 8) Het bewind voeren 9) Leiden 10) Overheersen 11) Richten 12) ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op regeren:
aggregerenmeeregerensegregeren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
regeren (besturen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `regeren`.