morgenvroeg

bijwoord
Uitspraak:  [mɔrxə(n)'vrux]

vroeg in de ochtend van de dag na vandaag
Voorbeeld:  `Laten we nu maar gaan slapen en morgenvroeg verder zien.`

© Kernerman Dictionaries.

2 definities op Encyclo
  1. 1) Tijdsaanduiding
  2. bij het begin van de volgende dag; morgenochtend Veelal met de bijgedachte van vroeg of vrij vroeg in de ochtend.
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `morgenvroeg`.