de mandril

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [mɑn'dril]
Verbuigingen:  mandril|s (meerv.)

grote aap met een kleurrijk uiterlijk die in tropisch Afrika leeft

© Kernerman Dictionaries.

7 definities op Encyclo
  1. Het mannetje van de mandril is een van de grootste en opvallendste apensoorten. Van de voorkant vallen zijn rode neus, blauwe wangen en gele baard sterk op. Terwijl van d...
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), groote afrikaansche aap, baviaan.
  3. Wetenschappelijke naam: Mandrillus sphinx Andere naam: Mandrilaap of Mandrill Soort: Mandril (Mandrillus) Familie: Cercopithecidae (hondskopaap) Leefgebied: Midden-Afrika...
  4. 1) Aap 2) Apensoort 3) Baviaan 4) Bosduivel 5) Dier 6) Duivel 7) Grote aap 8) Lelijke aap 9) Meerkatachtigen 10) Soort aap 11) Viervoeter 12) Woudduivel 13) Zoogdier
  5. aap uit het westen van Centraal-Afrika die vrij groot van gestalte is en een kleurrijk uiterlijk heeft, gekenmerkt door een blauwe, paarse en rode gezichtstekening, een o...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
mandril (hondsaap)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 76% van de Nederlanders en 68% van de Vlamingen het woord `mandril`.