de maarschalk

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['marsxɑlk]
Verbuigingen:  maarschalk|en (meerv.)

hoge militaire rang bij de landmacht verouderd

© Kernerman Dictionaries.

8 definities op Encyclo
  1. Hoogste militaire rang, legeraanvoerder.
  2. Let op: Spelling van 1858 maréchal, Fr., in de salische wetten, waar dit woord het eerst voorkomt, beteekent het eenen gemeenen stalknecht, die het opzigt over twaalf pa...
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en), [oudtijds] ) stalknecht; voornaam hofbeambte (in verscheidene duitsche staten); opperstalmeester; opperveldheer, bevelhebber ...
  4. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Maarschalk``] Dit woord is afgeleid van het oud-Duitsche mare, paard en schalk, dienaar, zoodat het eerst iemand aanduidde, die het...
  5. •hoogste officier van het leger. (+audio)
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met maarschalk:
maarschalken

Deze woorden eindigen op maarschalk:
veldmaarschalkhofmaarschalk

Herkomst volgens etymologiebank.nl
maarschalk (hoogste rang aan het hof en in het leger)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `maarschalk`.