het lidwoord

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [ˈlɪtwort]
Verbuigingen:  lidwoord|en (meerv.)

woordje dat voor een zelfstandig naamwoord staat taalkunde
Voorbeeld:  `In het Nederlands zijn 'de', 'het' en 'een' lidwoorden.`

© Kernerman Dictionaries.

9 definities op Encyclo
I.) Er zijn drie lidwoorden: de, het en een. Een lidwoord (of: artikel) staat vóór een zelfstandig naamwoord en drukt daarvan de bepaaldheid uit: de en het zijn...
II.) een woord dat als voorbepaling verbonden wordt met een zelfstandig naamwoord bepaald lidwoord: de en het onbepaald lidwoord: een
III.) • [grammatica] staat voor een zelfstandig naamwoord, geeft de bepaaldheid aan; wordt ook gebruikt om het woordgeslacht aan te geven.
IV.) De woordsoort die ertoe dient de bepaaldheid of onbepaaldheid van het substantief te doen uitkomen. Bijvoorbeeld: (bepaald:) `de`, `het`, (onbepaald:) `een`
V.) 1) Artikel 2) Taalkundige term 3) Woordsoort
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `lidwoord` kennen.