Doorverwezen: kinder > kind

het kind

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [kɪnt]
Verbuigingen:  kind|eren (meerv.)

1) jong persoon die nog niet volwassen is
Voorbeeld:  `Buiten spelen kinderen op straat.`
geen kind hebben aan  (geen last hebben van (iemand)) `Hij zit zo lief te spelen. Je hebt geen kind aan hem.`
een groot kind  (volwassene die zich als een kind gedraagt) `Sommige mannen zijn net grote kinderen.`
van kind af aan  (vanaf je kindertijd) `Ik ken hem al van kind af aan.`
Een kind kan de was doen.  (het is heel makkelijk)

2) zoon of dochter
Voorbeelden:  `Zij is een kind van mijn broer.`,
`ervoor kiezen om geen kinderen te krijgen`
enig kind  (als je geen broertje of zusje hebt)
kind noch kraai hebben  (helemaal geen familie hebben)
kind aan huis zijn  ((ergens) vaak komen)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
baby grom, grommetje klein kind klein meisje kleine jongen kleintje kleuter kroost nakomeling wicht zuigeling

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo onschuldig als een pasgeboren kind (=zeer onschuldig)
• met het badwater het kind weggooien (=het goede met het slechte weggooien)
• mal moertje mal kindje (=als de moeder teveel toegeeft zal het kind niet deugen)
kind van laban (=iemand met een blanke huid)
kind noch kraai hebben. (=geen nazaten of andere familieleden hebben, alleen rekening moeten houden met zichzelf.)
Toon alle 21 spreekwoorden die kind bevatten

Intensiveringen
Hoe kun je met kind een ander begrip versterken?
onschuldig als een pasgeboren kind; blij als een kind; huilen als een kind; kwetsbaar als een kind; content als een klein kind;

10 definities op Encyclo
  1. mens die nog niet volwassen is vb: zij hebben twee kinderen zo blij als een kind [heel erg blij] hij is een kind van zijn tijd [hij past precies in die tijd] je moet het ...
  2. vaak in begraafboek als aanduiding van een doodgeboren kind, zonder voornaam begraven met alleen de naam van de vader en soms de moeder
  3. De leeftijd waarop men nog als kind (minderjarige) geldt staat niet absoluut vast. Het recht om aan verkiezingen deel te nemen begint in veel landen met 18 jaar, het rech...
  4. spontaan, naïef, eenvoudig, eerlijk, vertrouwen, jeugd, speels, eenvoudige genoegens, worden als een kind, rijke kinderzegen.
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. (-eren, -ers), zoon, dochter; [figuurlijk] voortbrengsel, spruit, loot; van een - bevallen, in de kraam komen; een meisje met - make...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kind:
kindekekinderkinderachtigkinderachtighedenkinderachtigheidkinderafdelingkinderarbeidkinderarmoedekinderartskinderartsenkinderbadenkinderbedkinderbeddenkinderbedtijdkinderbeschermingkinderbewaarplaatskinderbewaarplaatsenkinderbijbelkinderbijbelskinderbijslag
Toon alle woorden die beginnen met kind

Deze woorden eindigen op kind:
achterkleinkindgeesteskindkleinkindschoonkindpetekindpleegkindweeskindprobleemkindhoerenkindborstkindarmeluiskindrijkeluiskindzondagskindkoninginnekindkoningskindschoolkindstiefkindstraatkindzorgenkindzwerfkind
Toon alle woorden die eindigen op kind

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kind (jong mens)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `kind`.