de inwoner

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['ɪnwonər]
Verbuigingen:  inwoner|s (meerv.)

de in|woonster

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  ['ɪn|wonstər]
Verbuigingen:  inwoonster|s (meerv.)

iemand die ergens woont
Voorbeelden:  `de inwoners van Nederland`,
`De stad telt ongeveer 170.000 inwoners`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bewoner burger huisbewoner

4 definities op Encyclo
  1. Persoon behorende tot de bevolking die in een bepaald gebied woont. De bevolkingsstatistieken van het CBS rekenen tot de inwoners van een bepaald gebied de mensen die zij...
  2. •iemand die in een bepaalde plaats of een bepaald land woont
  3. 1) Bewoner 2) Bewoner van een land 3) Burger 4) Huisbewoner 5) Inboorling 6) Ingezetene 7) Inhuizige 8) Landzaat 9) Landzate 10) Onderhuurder
  4. iemand die in een bepaalde plaats of een bepaald land woont vb: Nederland heeft 16 miljoen inwoners
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met inwoner:
inwoneraantalinwonersinwonertal

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `inwoner`.