inhaleren

werkw.
Uitspraak:  [ɪnhaˈlerə(n)]
Vervoegingen:  inhaleerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft geïnhaleerd (volt.deelw.)

(iets gasvormigs) diep inademen
Voorbeelden:  `de rook van je sigaret niet meteen uitblazen maar inhaleren`,
`een medicijn inhaleren`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
inademen over de longen roken

4 definities op Encyclo
  • door ademen in je longen laten komen vb: hij het roken kun je beter niet inhaleren
  • 1) Ademhalen 2) Binnentrekken 3) Diep inademen 4) Eigenschap bij roken 5) In zich opnemen 6) Inademen 7) Inademen van roker 8) Insnuiven 9) Rook inademen
  • diep inademen (van rook) Jaar van herkomst: 1847 (KKU )
  • Inademen.
  • Toon uitgebreidere definities

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    inhaleren (inademen)