de immuniteit

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ɪmyni'tɛit]
Verbuigingen:  immuniteit|en (meerv.)

1) kracht van je lichaam waardoor je een bepaalde ziekte niet kunt krijgen medisch
Voorbeelden:  `Als je bepaalde besmettelijke ziekten een keer hebt gehad, bouwt je lichaam immuniteit daartegen op.`,
`Immuniteit tegen pokken duurt bijna een heel leven, constateren onderzoekers.`
Synoniemen:  weerstand, resistentie

2) status dat een rechter je niet mag beoordelen en straffen poliek
Voorbeeld:  `immuniteit genieten vanwege je functie`
Synoniem:  onschendbaarheid
diplomatieke immuniteit  (beschermde status van diplomaten in functie waardoor ze niet kunnen worden gestraft voor wetsovertredingen)
parlementaire immuniteit  (beschermde status van gekozen parlementsleden die nooit kunnen worden vervolgd voor hun mening of stemgedrag)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
onkwetsbaarheid onschendbaarheid onvatbaarheid onvatbaarheid voor ziekte

21 definities op Encyclo
  • Weerstand tegen een bepaalde ziekte. De immuniteit kan actief of passief verworven zijn.
  • Onvatbaar voor een parasiet. (Zie ook `tolerantie`)  guy.dekinder@bigfoot.com
  • weerstand van het lichaam tegen ziekmakende stoffen van buiten en in het lichaam. synoniem: weerstand
  • Engels:Immunity onvatbaarheid voor een ziekte
  • onvatbaarheid voor een ziekte
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met immuniteit:
    immuniteiten

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    immuniteit (niet-onderworpen zijn aan wetten, onvatbaarheid)