|
full[foel] (Engels) bijvoeglijk naamwoord en bijwoord (= vol; geheel;) full employment (= economisch systeem waarbij volledige arbeidsbezetting en werkgelegenheid voor iedereen wordt geschapen;) full house (= poker drie kaarten of stenen met dezelfde waarde, plus een pair met een andere waarde;) full -prof (= sport iem. die uitsluitend door sportbeoefening in zijn levensonderhoud voorziet;) full speed met volle kracht, zo snel mogelijk
Tip: Na het opzoeken ziet u in de rechterkolom of een woord wel of niet goed is gespeld.
Over woorden.org | Gebruikersvoorwaarden| Woord begint met... © 2010 Woorden.org |
Woorden.orgWoorden.org is een gratis te raadplegen woordenboek voor de Nederlandse taal. U vindt hier -waar aanwezig- de betekenis, de schrijfwijze of de uitspraak van circa 170.000 woorden.Spellingfull' komt NIET voor in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie en de spellingwoordenlijst van OpenTaal. Dit wil niet zeggen dat het fout gespeld is. Woorden die niet vaak worden gebruikt, encyclopedische ingangen en woordgroepen worden niet of zelden opgenomen in deze lijsten.Definities2 definities gevonden op EncycloGeen synoniemen gevonden op MWB Geen melding in het WikiWoordenboek Zoek full op met Google Recent gezochtTussen haakjes staat het aantal karakters van de omschrijving.• full (708) • chiffonnier (128) • remonteren (267) • op (239) • gedissocieerd (101) • zangboek (67) • fenomenologie (217) • nepen (47) • nekt (145) • kemp (102) • kapitalisatie (109) • adoptief (118) • muilpeer (67) • somatisch (157) • versificeren (115) • natuurvorser (89) • immissie (312) • ataxie (205) • koekoeksjong (425) • Scylla (226) • vogelvlucht (150) • assertiviteit (100) • zintuigen (382) • deporteren (148) |