I de fout

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [fɑut]
Verbuigingen:  fout|en (meerv.)

iets dat niet juist is
Voorbeelden:  `een fout maken/begaan`,
`een fout corrigeren`
koeien van fouten  (grote fouten)
kapitale/kardinale fouten  (grote fouten)
in de fout gaan  (het verkeerd doen)
Er is een fout in de berekening geslopen.  (er is ongemerkt een fout in de berekening gemaakt)


II fout

bijv.naamw.
Uitspraak:  [fɑut]

niet zoals het moet
Voorbeeld:  `Het gaat/loopt fout.`
Antoniem:  goed
Synoniemen:  foutief, verkeerd
goed fout zitten  (het helemaal verkeerd doen)
fout in de oorlog zijn geweest  (tijdens de Tweede Wereldoorlog de kant van de bezetters hebben gekozen)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
abuis afwijking blunder collaborerend defect dwaling ernaast euvel feil foutief gebrek incorrect incorrectheid machinedefect mankement mis misgreep misrekening misser misslag misstap misverstand onjuist onjuistheid onwaar tekortkoming ten onrechte vergissing verkeerd correct (antoniem)goed (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• in de fout gaan. (=een onaanvaardbaar of strafbaar feit begaan.)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
Is in fout zijn correct? Zie In fout zijn / schuld hebben

Intensiveringen
Hoe kun je fout krachtiger uitdrukken?
goed fout; grove fout; kapitale fout; kardinale fout; koeien van fouten; onvergeeflijke fout
Uitdrukkingen die fout betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
de bal misslaan; de plank misslaan;

13 definities op Encyclo
  • Het woord fout kan verschillende betekenissen hebben. Meestal gaat het over een afwijking van een situatie ten opzichte van de ideale situatie. Bij sommige systemen van ...
  • (ITIL Serviceproductie) Een ontwerpfout of defect dat een storing veroorzaakt van één of meer IT-diensten of configuratie-items. Menselijke fouten of foutieve processen...
  • •onjuist, incorrect, niet goed;. •"(informeel)" niet volgens de in een groep of land geldende normen of moraal; •aan de kant van de as-mogendheden in de Tweede Were...
  • wat niet helemaal goed is vb: niemand is zonder fouten in de fout gaan [iets verkeerds doen]
  • zoals het niet moet vb: dit antwoord is fout Synoniemen: verkeerd onjuist mis [2] foutief Tegenstellingen: correct goed juist
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met fout:
    foutenfoutieffoutloosfoutloosheidfoutmargefoutmargesfoutparkerenfoutplaatslokalisatiefouttolerantie

    Deze woorden eindigen op fout:
    denkfoutdrukfoutdubbelfoutleesfoutrekenfoutschrijffoutspelfoutstandaardfouttaalfouttikfouttypefouttypfoutvoetfoutzetfout

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    fout (verkeerde handeling; gebrek)