de dominee

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈdomine]
Verbuigingen:  dominee|s (meerv.)

de domineese

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ˈdominesə]
Verbuigingen:  domineese|s (meerv.)

iemand die als beroep een kerkdienst leidt in de protestantse kerk en geestelijke zorg geeft
Voorbeeld:  `Als je ernstig ziek bent, kan de dominee bij je op bezoek komen.`
Synoniem:  predikant

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
pastor predikant prediker voorganger zielenherder zielszorger zielverzorger

Spreekwoorden en zegswijzen
• er komt een dominee voorbij. (=er valt een plotselinge stilte in een rumoerig gezelschap.)
• er gaat een dominee voorbij (=wordt gezegd bij een plotse stilte tijdens een gesprek)
dominee brand je bekje niet (=pas op! Het eten of de drank is heet!)
• de pastoor gaat voor en de dominee loopt met hem mee. (=altijd eerst de machtige mensen, dan de mindere mens.)
Naar de spreekwoorden

8 definities op Encyclo
  1. • [religie] een voorganger van een protestantse eredienst
  2. iemand die de geestelijke zorg heeft voor een groep gelovigen vb: de nieuwe dominee heeft mooi gepreekt er gaat een dominee voorbij [wordt gezegd wanneer er een stilte va...
  3. [Levensbeschouwing] Voorganger in de protestantse kerk.
  4. 1) Aanspreektitel 2) Bedienaar des woords 3) Beflijster 4) Befman 5) Berglijster 6) Beroep 7) Dienaar gods 8) Dienaar van het woord 9) Eerwaarde 10) Evangeliedienaar 11) ...
  5. [Godsdienst] Leider in de protestantse kerk
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met dominee:
domineerdomineerdedomineerdendomineertdominees

Herkomst volgens etymologiebank.nl
dominee (protestants geestelijke)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `dominee`.